Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 240
,,
BEWIJZEN VAN EEN ZONDVLOED IN EUROPA. moge eenio;e moeilijkheid met zich schijnen te brengen. Ware de onderdompeUng van langen duur geweest, dan had er zich noodzeefauna gevestigd;
een
zakelijk
alleen
om
ik ,
kan het ontbreken daarvan dat er een weeroprijzing
is
voorafgaande neerzinking, na slechts een korte tus-
gevolgd op de schenpoos.
en
door de onderstelling
verklaren
De natuurkundige
gevolgen dezer rijzing
zijn
voldoende
vermoeden te rechtvaardigen, en ze maken de omstandigheden duidelijk waaronder zij naar alle waarschijnlijkheid bepaald
ons
,
heeft plaats gehad.
W. Hopkins uitgestrektheid
1)
heeft
aangetoond, dat, wanneer een aanzienlijke
van den zeebodem plotseling omhoog geheven werd
een golf van verplaatsing, vergezeld door een stroom, welks snelheid voornamelijk zou afhangen van de diepte der zee, zich in alle richtingen zou verspreiden van uit het middelpunt der stoornis.
Door
boven allen twijfel verheven, dat oprijzingen van groote spanning, onder den zeebodem, uiteenloopende van vijftig tot honderd voet hoogte stroomingen kunnen teweegbrengen welker snelheid zal varieeren van tenminste vijf of zes tot vijftien of twintig mijl in het uur, aangenomen dat de diepte der zee de achthonderd of duizend voet niet te boven gaat." In aanmerking nemende de grootte van de blokken die in beweging kunnen gebracht worden vond hij dat de kracht die wordt uitgeoefend op een oppervlak van gegeven grootte, toeneemt met het kwadraat berekeningen, zoo zegt
hij
,
„is het
,
,
,
,
va7i
de snelheid
,
en dat ze „varieert
heid der strooming''\
om
tot
de zesde macht van de snel-
Maar de bewegingen moeten herhaald worden,
groote blokken over korte afstanden weggesleept te krijgen.
Het is duidelijk, dat wij in dezen vorm van verstoring een werkkracht van enorm arbeidsvermogen bespeuren. En ofschoon onze hypothese niet te doen heeft met de groote veranderingen en machtige stroomingen die Hopkins op het oog had toch mogen wij er uit afleiden ,
welke de gevolgen zouden zijn bij een slechts gedeeltelijke werking van zulke veranderingen. Bewegingen van dien aard zouden als ,
O Zie het (luarterly Journal of Geology, Deel IV (1848)
blz.
90.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's