Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 235

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 235

2 minuten leestijd

:

,

BEWIJZEN VAN EEN ZONDVLOED IN EUROPA. een bewijs, dat de onderdompeling maar heel kort geduurd heeft,

zoodat de tijd van haar duur te kort is geweest van schelpdier-koloniën van eenige beteekenis toe

Van

de onvoldoende theorieën

al

,

om

de vestiging

te laten.

om

die zijn voorgesteld

deze

is die van de onderstelde iverking va7i ijs en verklaren welke langs heuvelhellingen naar omlaag gleden geholpen door het afstroomen van water tengevolge van het smelten van ijs en sneeuw, nog het minst onaannemelijk. Maar Prof. Prestwich heeft tegen deze theorie met kracht de volgende onoverkomelijke

feiten

te

sneeuw

,

,

,

beswaren ingebracht

Door deze middelen zouden wel rotsbrokken over den rand van de rotsklip langs haar geheele front kunnen voortgestuwd

kanalen

bepaalde

zeer

moest

ten

uit

water

het

slotte

te

van

De

veroorzaakt.

op een

en

hellingen

weggespoeld

rubble

zijn

vrij

maar

,

zou

door

grooten

als

oppervlakte

de

hebben teweeggebracht,

resultaten

maar

graven,

zijn,

zonder

het ging dooien,

toch juist zulke

als

door heftige regens worden

ijs

en sneeuw ook over kleine

onder de klip kunnen

afstand

ik betwijfel toch

,

of ze

,

gelijk bij

Godrevy,

de rubble op een afstand van meer dan tweehonderd voet van de want de klip is niet hooger rots af zouden kunnen wegslingeren ;

dan veertig voet, en de heuvel daarachter klimt niet boven de honderd vijftig voet, en dat op een afstand van ongeveer een tweehonderd vijftig niet meer dan en rubble zou

dit

grootere

bij

cijfer

Bovendien

voet. tien

tot

,

de helling van de rubble

twaalf graden

,

terwijl los

bij

is

hier

veertig

en veertig graden nog in rust blijven. Zeer zeker

vijf

hier

iets

lager

moeten gesteld worden

,

wegens de

de massa tengevolge van de sneeuw, zooveel lager, dat er het groote verschil van tien

beweeglijkheid

van

maar toch

niet

en

graden door zou worden verklaard.

veertig

zand

Ook zou

een mod-

sneeuw en rotspuin die in beweging was niet beter dan stroomend water geschikt zijn om landschelpen en beenderen van zoogdieren zoo ongeschonden als ze hier voorkomen derige

te

massa

van

ijs

,

,

bewaren. 215

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 235

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's