Om de oude wereldzee - pagina 541
I. Het Aziatisch gevaar. Rumenië. Rusland. De Zigeuners. Het Joodsche probleem. Constantinopel. Klein Azië. Syrië. Het Heilige Land.
HET HEILIGE LAND. is
en
Nog
blijft
de
naam van den Nazarener. Jeruzalem is weer uitgegroeid.
zoover niet
ners was
;
507
ligt
de heugenis, dat het een stedeken van 7000 inwo-
thans telt het er reeds meer dan 60.000, en daarvan
is
verre-
weg de groote meerderheid, meer dan 40.000, intemationaal-Joodsch. Nog steeds hebben de Muslim Jeruzalem onder hun bewindsmacht ze noemen het El Kuds of Kuds es Skerif, de heilige of de beroemde stad, maar ze zijn slechts 7000 in aantal. Ook de Christenen zijn niet sterk vertegenwoordigd
een
:
6000 Grieksche, 4000 Latijnsche Christenen,
Protestanten, en dan nog groepjes Armeniërs en saam alle Christenen genomen, niet meer dan 14,000; en om den Christus gaat nog alle machtige levensbeweging in
1200 a 1400
Kopten, toch,
Jezus en Jeruzalem hooren onafscheidelijk bijeen, en hoe
Jeruzalem.
hoog ook
in Jezus'
dagen de roem van het Keizerlijk
litterair-aesthetische
stantijn zijn
naam
het hart, de
ziel
Rome en van
het
Athene stond, en of al Byzantium straks onder Con-
verhief,
Jeruzalem was en bleef de stad der steden,
van de geheele menschelijke levensbeweging, wier
trillingen het centrale leven der
meelevende wereld in golving brachten.
Noch Babyion, noch Ninivé, zoomin Susan als Thebe konden in wereldhistorische beteekenis zich met Jeruzalem meten, en al heeft Athene het
denkend en het schijnend leven, Rome onder de Keizers het
recht en regiment der volkeren beheerscht,
—
dieper dan alle ander
motief werkt in het aderweefsel van onze menschelijke ontwikkeling
van Jeriizalem uitgegaan, stille bedevaart èn Jood èn Mohammedaan èn Christen optrekken. Ook de Mohammedaan, want al primeert voor hem Mekka, of voor den Chiïth Kerbelé, Jeruzalem blijft
het motief der religie, en dit motief
van de
heilige stad,
is
alleen
waarheen nu nóg in
hem de heilige stad, geheiligd door de herinnering aan Abraham, aan Jezus en aan Mohammed, wiens komst tot den rotssteen van Moria voor hem met wonderbare legenden omweven is.
toch ook voor
Aangrijpend
is
daarbij de tegenstelling tusschen de rehgie in haar
kem
en de religie in haar vormenweelde. De toenadering van den Vader der geesten tot den geest van zijn menschelijk creatuur is motief van heel de Openbaring maar die toenadering eischt tenleste ook aanraking aan wat zinLijk, aan wat stoffelijk, aan wat voor oogen ;
want de mensch is ziel en lichaam. Die aanraking van geest aan stof, van het onzienlijke aan het zienlijke, is in de Vleeschwording van het Eeuwige Woord in volstrekten zin voleind maar die voleinding
is
;
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's