Om de oude wereldzee - pagina 441
I. Het Aziatisch gevaar. Rumenië. Rusland. De Zigeuners. Het Joodsche probleem. Constantinopel. Klein Azië. Syrië. Het Heilige Land.
SYRlE.
411
mg
aan den voet van den Libanon, gaat dan met tandradspoor den
van den Libanon op tot een hoogte van 1487 meter, doorsnijdt daarna
twee tunnels van 280 en 360 meters, daalt voorts in de vlakte tusschen beide bergketens tot bij het station Reyak, stijgt vandaar vfeer in den Anti-Libanon tot eene hoogte van 1405 meters, en gaat zoo ten benedenwaarts naar de prachtige oase van Damascus.
slotte
rit
per
Libanon en Anti-Libanon, door een gestadig wisselende
spoor over natuur,
— Deze
aangenamer, omdat
is te
men niet
te snel rijdt, en alzoo rustig
kan, en al was het reeds medemaakte, toch had ik zelfs op een hoogte van 1500 meter van de koude geen 't minste last. Aan het station Reyak steeg ik uit, wijl Baalbec meer noordop ligt, door een andere
van de schitterende tafereelen genieten begin December toen ik den
spoorlijn
rit
met Rej^ak verbonden. De bergstreek bewoond.
Maronieten
Deze I\Iaronieten
zijn
is
hier goeddeels door
afstammelingen van de
oude Syrische Christenen, die door het optreden van den Islam in
't
gedrang gekomen, zich onder hun toenmaligen Bisschop Johannes
Maro nog voor het einde der vereeuigd over
de
Reeds in
hadden,
naturen 11
en in
zich
7e
eeuw, tot een eigen kerkengroep
ter oorzake
Christus
van een
leerstellig verschil
van de Latijnsche kerk afscheidden.
82 gelukte het echter aan delegaten van
Rome hen weder
met de Latijnsche kerk te vereenigen. De Heilige Stoel toonde zich ook ten hunne opzichte zeer inschikkelijk. Ze mochten de Syrische liturgie behouden en het celibaat werd ook hier voor de lagere geestelijkheid niet verphcht gesteld. Op een in 1736 in den Libanon gehouden Synode zijn hun Kerkelijke Statuten definitief vastgesteld en deze Statuten
zijn
in
1741
door Paus Benedictus
XIV
bevestigd.
Hun
hoofd voert den titel van Patriarch van Antiochië. Hij wordt gekozen met ten minste tweederden meerderheid der stemmen door de Metropolitanen en Bisschoppen. Zijn residentie is te Bkerké, en kerkelijk
de Maronitische kerken Cyprus.
Hun
aantal
zijn ingedeeld in
zielen
bedroeg
bij
acht Diocezen van Aleppo tot
de laatste telling 308.239,
waarvan 229.680 alleen in den Libanon. Die gedeelten van den Libanon waar zij 't sterkst vertegenwoordigd zijn, vormen thans ten deele een autonoom gewest. Zij verkregen deze autonomie na den Christenmoord in 1860. De Sultan bewilligde op het sterke di-ingen der groote mogendheden den 9 Juni 1861 in het organische Statuut voor den Libanon dat door de ambassadeurs te Constantinopel onderteekend
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's