Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 184

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 184

2 minuten leestijd

,,

DE ZONDVLOED EN DE OVERLEVERING. moeilijk het zou zijn te bewijzen

,

dat ten tijde van den zondvloed

de overlevende menschen niet beperkt waren

Hugo

ergens in het dal van den Eufraat.

tot

een klein gebied

Miller en anderen

hebben

bijvoorbeeld het aannemelijk vermoeden geopperd, dat de mensch-

vóór

heid

den

zondvloed

middelpunt had verspreid loosheid

zich

,

zich

niet

en dat

zij

ver van haar oorspronkelijk

vanwege haar groote godde-

zóó had vermenigvuldigd

niet

dat

,

daar een

zelfs

groote dichtheid van bevolking was verzekerd. Ofschoon dit mogelijk

zullen

is,

steund

toch een ander gevoelen voordragen, dat ge-

wij

wordt

door

pas

vele

ontdekte

feiten

,

die wijzen

wijd uitgebreide verdelging van den ante-diluviaanschen

verband met nieuwe

^)

op een mensch

welke hebben plaats gegrepen. Deze beschouwingen zullen den weg banen voor de opvatting van den Noachietischen zondvloed als een ramp in Midden-Azië, die een reeks van ra^ipen a.(s\u\t waardoor destijds de menschheid mogelijk tot die streek beperkt was geworden. Bij deze proeve van beschouwing is het evenwel niet onze taak den zondvloed te bewijzen buiten verband met de geschiedenis, maar alleen de bedenkingen tegen de geloofwaardigheid van de geschiedenis uit den weg te ruimen, die ontleend zijn aan onbewezen wetenschappelijke beweringen. Beschouwt men het geschiedverhaal uit Genesis als de mededeeling van een inderdaad uitgebreide, maar, vergelijkenderwijs gesproken, niettemin plaatselijke ramp in Midden-Azië, tot welk gebied de overgebleven menschen toen beperkt waren dan kan de beteekenis van de algemeene uitdrukkingen die hier voorkomen gevoegelijk bepaald worden door de grenzen van het gezichtsveld in

groote geologische veranderingen

,

,

sinds zijn verschijning in de wereld

,

,

,

,

^)

d.

tertiaire

i.

voorafgaat.

164

van

den

periode,

mensch vóór den zondvloed

het

tijdvak

der

groote

;

met den vloed

zoogdieren,

cindij;t

de

dat aan hel diluvium

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 184

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's