Om de oude wereldzee - pagina 267
I. Het Aziatisch gevaar. Rumenië. Rusland. De Zigeuners. Het Joodsche probleem. Constantinopel. Klein Azië. Syrië. Het Heilige Land.
HET JOODSCHE PROBLEEM. Deze hoogere zij
15e
in
Spanje
eeuw
vervolgd,
in
positie
danken de Sephardim aan den
Want
doorleefden.
wel
zijn ze sedert
243 bloeitijd dien
het einde der
Spanje wreeder dan ergens elders, tot uitroeiens toe,
maar deze verdrukking trad
zeer laat in, en duurde kort,
omdat ze al spoedig tot uitbanning overging. Van de 7e tot de 1 4e eeuw daarentegen waren de Joden in Spanje niet alleen niet verdrukt, maar in hoog aanzien. Onder de Moorsche overheersching werden ze met voorliefde ingehaald, bekleedden ze de gewichtigste posten en vormden te Toledo, Granada, Sevilla en Cordova de fine fleur der hoogere maatschappij. En wel bracht, na het verdrijven der Mooren, hun heulen met dezen hen aanvankelijk op gespannen voet met de Vorsten van Arragon en Castilie, maar dit ging over. Vooral als medici, staatslieden en financiers wisten zij ook toen ongemeenen invloed uit te oefenen. Joodsche vrouwen huwden in grooten getale met leden van den voornaamsten Spaanschen adel. Nog onder Alphonso VITI was een Jood eerste minister, had de Koning een Jood tot lijfarts, en oefende de schoone Rachel als bijzit van den Koning overwegenden invloed in de regeeringskringen
uit.
In Toledo
kwam het zelfs zoover,
dat het voor de hoogere kringen gewoonte werd den Sabbath vieren, en het bezoek aan de
mee
te
Synagogen voor den Christelijken adel
in
zwang kwam. Vooral de Marrana's, d.w.z. Joden die zich doopen lieten, maar in hun hart Jood bleven, sterkten den Israelitischen invloed, niet het minst doordat ze zelfs van hooge posten in de Kerk zich wisten meester te maken. Tegen den doop zagen de Joden in Spanje zoo
goed
als
niet
op.
De
begrippen doen aannemen
;
geest
van
Maimonides had reeds
vrije
en hieruit verklaart het zich dan ook, dat
toen eindelijk de storm onder Torquemada zich onmeedoogend tegen
hen keerde, misschien wel de helft der toenmaals in Spanje wonende Joden tot de Roomsch-Katholieke Kerk overging. Onder de overigen is toen
met schavot en brandstapel gewoed, en het einde was, dat zoo goed alle
Joden
tinopel,
die de wijk
konden nemen, gevlucht
zijn
als
naar Afrika, Constan-
Nederland en Engeland. Eerst scheen Portugal hun nog uitkomst
te bieden,
maar
hen, en ook hier
in 1495 keerde
ook hier Koning Emanuel zich tegen
werd de verbanning zoo streng doorgezet, dat de
Spanje en Portugal eens zoo oppermachtige Joden, zoo goed uit het Iberische schiereiland
in
geheel
Maar ook bij hun vlucht karakter. Ze waren van een veel
verdreven
hielden ze vast aan hun aristocratisch
als
zijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's