Om de oude wereldzee - pagina 151
Het raadsel van den Islam - Het land der Pharao's - Soedan - De Hellenen - Sicilie - Het protectoraat van Tunis - De Algerijnsche kolonie - Marokko - Spanje - Portugal
SOEDAN.
131
schaarsch en bedraagt iu Beneden-Nubië niet meer dan 96,000 zielen,
op een terrein anderhalf maal zoo groot
was
die sinds
Duitschland.
als heel
Het
dun gezaaide bevolking,
dan ook niet de heerschappij over deze
de 6e dynastie de heerschers uit Egypte, eeuw voor eeuw
Nubië deed afdalen. Nuha beteekent in het Egyptisch goud. Nubie stond als het goud-land bekend, en het waren vooral de goudmijnen, die de Egyptische machthebbers zuidwaarts lokten. Wat herna, naar
komst betreft behooren de Nubiërs tot de Berbers, hier Barabra's genoemd. Ze spreken nu veelal een slecht Arabisch, maar toch ook nog ten deele hun aloud Nubisch, dat zelfs nog in drie dialecten uiteen valt. Voor den Fellah in Boven-Egypte doen ze onder in veerkracht en doortastendheid, maar in zedelijk opzicht staan ze hooger. Ze zijn zindelijk, rustig van aard en sober. De armoede van hun land doet ze,
op de
manier der Zwitsers, veel
Vooral in Cairo en Alexandrie
tijdelijk
zijn ze talrijk,
naar elders trekken.
maar
bijna nooit blijven
Ze garen een klein kapitaaltje op en trekken dan naar hun stamland terug. Zeer pleit voor hun solidize er langer
teit
de
organisatie,
Caïro zijn Sheick,
dan hoog noodig
t.
knechten,
deze w.
ze
vakbonden
voor
in
Cairo en elders gesticht hebben. Te
zelfs
vijf
aantal, elk
in
met een eigen
de portiers, voor de huisknechten, voor de
voor de koetsiers en voor de koks.
Wie
stal-
Deze bonden houden
wordt er kortweg uitgezet. Bij vergoedt de bond het gestolen bedrag. Ze zijn dan ook vroom
streng toezicht. diefstal
die
is.
zich misdraagt
van aard, en niet minder dan bijna acht eeuwen lang heeft de Christelijke religie onder hen gebloeid. Vóór het Christendom zijn intocht
hield,
waren
Egypte meegegaan.
ze
meest met de religieuse beweging van
Behalve hun eigen god Fetoen waren ook hier
Amon, Re en Phtha het meest waren 21e
er
prachtige tempels te
gevierd,
en heel den oever langs
hunner eere verrezen. De onder de
dynastie uit Egypte verdreven priesters van
Amon
wisten
zelfs
tegenwoordige Dongola een theocratischen priesterstaat, onder den naam van Napata te stichten, waartegenover de koningen van Nubië zich naar Meroë terugtrokken. Van 950—270 v. Chr. hield in het
deze priesterstaat in Napata stand, en al gelukte het toen aan Koning
Argamon hun priestermacht
te
fnuiken,
priesters aanhangen, en volhardde in zijn
toch
vromen
bleef het zin.
volk de
Vandaar dat
de Christelijke missionarissen, die reeds in de 4e, maar vooral in de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's