Om de oude wereldzee - pagina 65
I. Het Aziatisch gevaar. Rumenië. Rusland. De Zigeuners. Het Joodsche probleem. Constantinopel. Klein Azië. Syrië. Het Heilige Land.
RUMENIË. voor het tegendeel.
bewijs
leveren
assimilatievermogen.
zoodat
Wordt
51
Alles
den oorspronkelijken stam gemist,
dit bij
bijkomend element op zich
elk
men geen vermenging, maar
hangt hier af van het
dan
zelf blijft staan,
krijgt
compositie, en de compositie mist de
kracht der eenheid. Bezit daarentegen de oorspronkelijke bevolking,
later
Amerika, genoeg vermogen tot assimilatie, dan worden de
in
gelijk
bijkomende bestauddeelen in het oorspronkelijk wezen der natie
opgenomen rijkt,
de eenheid
;
geen schade
lijdt
;
en het geheel wordt ver-
onder afslijping van de oorspronkelijke, te groote eenzijdigheid.
Zoo nu
het
liep
ook
de
bij
Rumenen.
De
Daciërs vormden den
grondstam, maar werden in 107 door Keizer Trajanus onderworpen.
Hun koning
bekwam Romeinsch
zijn Residentie,
provincie,
en
talrijke kolonies
gelijk gevolg als in Gallië
lingua
Rome
Decebalus werd naar
en
weggeleid en Sarmozegetusa,
werd Romeinsche Dacië aangelegd. Dit had
garnizoen. Daciê
werden
elders.
in
De
taal van het volk ging in de
rustica op, en er had zulk een algeheele taalwisseling plaats,
dat in het Rumeensch geen spoor meer van het Dacisch te ontdekken
was de streek tusschen de Karpathen, de Theiss en de Donau blootgesteld aan rustelooze invallen van Hunnen, Cmnanen en
valt.
Sinds
Tartaren,
volk
zich
die
telkens
naar de
de vlakten afstroopten, zoodat het eigenlijke
bergen terugtrok
en daar
zijn
bewaarde. Daarop daalden de Slaven naar de Donau heeft het landvolk zich sterk vermengd. Zelf
en letterkunde,
nam men,
onder
in
Cyrillus,
eigenaardigheid af,
nog zonder
en met deze letterschrift
vooral na de bekeering tot het Christendom
den eeredienst de Slavische taal en in
't
gemeen
gebruik het Slavische schrift over. Doch op het platteland bleek bet oorspronkelijke volk sterker
;
het
nam
de Slavische elementen in zich
maar bleef Rumeensch, en niet een Slavisch dialect, maar het Rumeensch bleef spreektaal. Later kwam hierbij het Byzantijnsch element uit Konstantinopel, en in zeer zwakke proportiën ook Mongoolsche invloed door de Turken; maar het sterkst onderging men in de Vorstendommen den invloed der Phanarioten Grieken uit de voorstad Phanar te Constantinopel herkomstig, die in een lange periode de heeren en meesters van de Vorstendommen werden. Door dezen is toen Grieksche zede en Grieksche taal naar de Vorstendommen gekomen. Er zijn lange tijden geweest, dat in de beschaafde kringen
op,
:
te
Bacharest en Jassy
niet
anders dan Grieksch gesproken werd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's