Onze leestafel - pagina 15
:
!
•
!
461
ONZE LEESTAFEL. Wanneer het
mij zóó
bang werd, dat het scheen
Als hadden allen zich te za^m verbonden Om zich te kanten tegen mij alleen,
En m'
in het diepste mijner ziel te
wonden
;
—
uit mijn gemoed verdween. Daar wreed mijn groot vertrouwen werd geschonden Door wie me als vriend vertrouwenswaardig scheen, Dan heb ik. Heer, steeds troost bij U gevonden
Wanneer de vreugde
Dan mocht ik in de stilte Uw stem verstaan, En nimmer heeft die mij gestreng verweten „Waarom toch zijt gij van mij heengegaan Als hadt ge ondankbaar weer geheel vergeten
Al
't
geen mijn
liefde
Maar steeds heeft
zij
—
voor ü heeft gedaan ?" dan welkom mij geheeten.
Maar hoe koel is dit dankgebed, tot hoe slappe kleurloosheid wordt onder den dwang van het rijm die laatste regel in welken men noch den jubeltoon van dank noch het schreien van beschaamdheid over onverdiende genade vermag te hooren. Zonder twijfel gevoelt de dichter zelf duidelijker dan zijn lezer de stemming zelve die dit lied ingaf in al hare diepte. Dat zij in het lied zelf niet tot volkomener uiting kwam moet, zou ik meenen, voor een deel althans worden toegeschreven aan den gekozen vorm. niet
altijd
vorm naar
Het sonnet
verleidt tot eentonigheid en verraadt
Ook
dadelijk waar de gedachte hapert. mij
is
de sonnet-
voorkomt niet voor iedere gedachte-uiting geschikt,
allerminst voor een theologisch betoog:
Hoe vaak toch hoort men „Er bestaat geen God Dwaas is het in een w^ezen te gelooven, :
Dat men niet
ziet, maar dat daar ergens boven Met liefdehand besturen zou ons lot. .
af.
ik
.
.
Ik schrijf deze catechisatie-les op rijm opzettelijk niet verder Er staan beter verzen in den bundel, en ook daarvan wensch een voorbeeld te geven.
sonnetten gewijd.
liederen
Maar
bij
is feitelijk
Het
liefst
had ik hiertoe gekozen
uit
de
aan de nagedachtenis zijner Moeder deze evenals bij zijn eigenlijk godsdienstige de uiting, naar mij althans voorkomt, gebleven
door den
dichter
beneden den ernst en de diepte van des dichters piëteit en liefde. Door te wijzen op 't geen mij in deze verzen niet geslaagd voorkomt, zou het me zijn alsof ik den dichter zelven pijn deed. Laat ik liever één sonnet aanhalen, dat in zijn volkomen eenvoud mij wèl geslaagd toescheen:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 30 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 30 Pagina's