Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 48

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 48

2 minuten leestijd

H'ET GETUIGENIS DES

NIEUWEN TESTAMENTS.

Jezus uitnemend wel begrepen, dat Hij doelde als Hij tot hen sprak

over

wet van

„de

Mozes",

„de schriften van Mozes" enz., zoo

Exodus, Leviticus en Numeri uitdrukkingen te bevatten als: „de Heere sprak tot Mozes", of: „Mozes deed naar alles wat de Heere hem geboden had". In Exod. 24 4 wordt gezegd dat „Mozes al de woorden des Heeren wat voor het minst moet terugslaan op de drie of vier bescJireef' voorafgaande hoofdstukken. In Exod. 17: 14 lezen wij, dat Mozes bijkans

blijkt

hoofdstuk

ieder

uit

,

:

,

het

om

ontving

bevel

hoofdstuk

34

En

:

27

zekere dingen te schrijven in een boek. In

hem

wordt

hetzelfde bevolen aangaande andere

Deuteronomium wordt van meer dan negen tiende der woorden gezegd dat ze rechtstreeks uit den mond van Mozes zijn uitgegaan. In hoofdstuk 31 9 heet het: „Mozes schreef deze wet en gaf ze aan de priesteren." In vers 10 gebiedt Mozes hun, dingen.

in

,

:

dat deze geschreven wet ten einde van iedere zeven jaren voor de

van

ooren

gansch Israël moet worden uitgeroepen.

bericht ons vers 24

— 26

den dezer wet

schrijven

ontvingen

:

te

„Neemt

dit

ark des verbonds des

,

dat

En

eindelijk

toen „Mozes voleind had de woor-

,

in

een boek", de Levieten het

wetboek, en legt het aan de zijde Heeren uws Gods, dat het aldaar

gebod van de zij

ten

getuige tegen u."

Ziedaar in het kort het getuigenis des Nieuwen Testaments aangaande den Mozaïschen oorsprong van den Pentateuch. Het is waar,

men kan

Maar

daarbij

dit getuigenis

blijft

verwerpen of ook er niet mee rekenen. in zeer bijzonderen zin voor

toch de bewijslast

rekening van onze tegenstanders. Zij moeten

en

wij

tuigend

mogen hun en

afdoend

beslist

bewijs.

omstandigheden zullen hebben

En

in

zij

,

en een volstrekt aannemelijke

overeenstemming met het aangehaalde, krach-

tige rechtstreeksch getuigenis,

28

stellen

af te leiden, eischen wij bovendien,

dat het volkomen ondubbelzinnig verklaring aanbiede

maken,

alles duidelijk

van het meest overnademaal zij dit bewijs uit de

den eisch

zoowel ook

als

met de theorie

,

die het

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 48

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's