Om de oude wereldzee - pagina 380
I. Het Aziatisch gevaar. Rumenië. Rusland. De Zigeuners. Het Joodsche probleem. Constantinopel. Klein Azië. Syrië. Het Heilige Land.
GONST ANTINOPEL.
854
Achter deze in Tekkieh's wonende monniken schuilt dan
verlaten.
nog het cougregatiewezeu of vereenigiugsleven van Sufitischen aard, waarover ik bij Khonia spreken zal. Hier zij alleen opgemerkt, dat het
en
nomistische
streng
van den Islam het op ondiep Deïsme. Allah
Wezen, dat digen
is
ze in diepe
ritueel
zich-zelf
karakter
weinig verder brengt dan tot een
het machtigste Wezen, hoog boven hen
van het fatum zich afwikkelt, zonder dat Allah er
wijzigt of in omzet. Natuurlijk
kennen
ze
hulp in
niet alleen
te
roepen;
hun
beginsel van
een
voorzienig bestuur veel op hen
zijn
werkt, daar immers toch alles fatalistisch vooruit verordineerd deze rol
;
onderworpenheid aanbidden, maar op onein-
en zonder dat
afstand,
streng-geformuleerde
houden
maar ook het gebed om bidden ze voor hun dooden; maar
religie ligt dit niet.
en
iets in
ze zich hier niet streng aan, en
aanbidding,
zelfs
is,
Daarin
is
Allah's in het
de Deïstische afsnij-
ding van alle gemeenschap met het Eeuwige Wezen overheerschend. Doch natuurlijk, dit bevredigt het gemoed niet, vooral niet het gemoed van den Oosterling, en vandaar, geheel buiten de oflBcieele
Moskee om, de werking
in Islamitische kringen
van een sentiment,
dat in mystiek, ecstase en ascese een eigen bevrediging zoekt. zijn
zinnenden en peinzenden en aan phantasie zoo rijken geest
Door is
de
Het dualisme tusschen dezen oosterschen aanleg en het formalistisch Deïsme van den officieelen Islam is dan ook reeds in de 8" eeuw uitgekomen en duurt nog altoos voort. De Imams begunstigen deze mystiek wel niet, veeleer zien ze het gevaar ervan in en werken het tegen, doch bij het Oosterling hier als vanzelf op aangelegd.
weinig geestelijk karakter, dat de Imams en Mollahs gewoonlijk bestrekt
zitten,
dit
verzet
om
eer
het mysticisme aan te moedigen,
gaan naar den achtergrond van het leven. Nu is in Constantinopel deze geestelijke beweging des gemoeds ongetwijfeld minder krachtig vertegenwoordigd, dan in meer afgelegen ook
moet het deswege
al
streken,
vindt
maar
men
schuil
ze oefent er toch haar invloed welterdege. Bij tientallen
er een soort kloosters, en onder deze zijn het vooral de
dansende Derwischen in de Rae de Pera, en de huilende Derwischen te Scutari, die voor
De Ze
dansende
hun Tekkieli geen geringe vermaardheid verkregen.
Derwischen
zijn niet talrijk,
behooren
tot
de
orde
der
MeslevVs.
meest vrome, goeddoende eenlingen, en die zich
zoo weinig opsluiten, dat
zelfs
vreemdelingen van
allerlei nationaliteit
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Abraham Kuyper Collection | 590 Pagina's