Parlementaire redevoeringen - pagina 259
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
DE GEMEENTE-FINANTIËN. getal aanslagen
terwijl ik
is,
257
moet afgaan op de bescheiden,
beschikking staan, namelijk de aanslagen van 1887 die
opgaven,
genomen, dat Dit
is
gedetailleerd
genoemd
ik
—
die mij ter
1890.
en aanslagen,
is
Volgens het cijfer
heb.
men
echter, gelijk
naar inkomsten
tot
begrijpen
zal,
niet
de hoofdzaak.
—
Men
heeft
volkomen toe dat men bij het bespreken ^van deze quaestie niet alleen moet denken aan Amsterdam, maar ook aan andere gemeenten, ook aan die van het platteland, waaronder er zijn, die in veel gedrukter toestand verkeeren. Het zou zeer onrechtvaardig zijn, den nood van Amsterdam zoo luid te verkondigen, alsof deze alleen ons er toe brengt, in deze eene beslissing te nemen, opgemerkt,
terwijl
en
ik
geef het
,
de toestand van vele plattelandsgemeenten veel erger is en veel eischt. Als men de cijfers van den hoofdelijken omslag van
meer hulp
enkele plattelandsgemeenten in het noorden des lands vergelijkt met die
van Amsterdam,
Men
heeft
zal
gevraagd,
gemeentepolitiek fen
programmata
zijn
mede
men
zien, dat ik
waarom
gewezen
gesteld;
daarvan
ik in dit
niet te veel
gezegd heb.
verband gesproken had van
had op de eischen, door Damaschke
men vroeg
of ik dat gedaan had
om
in
daar-
Amsterdam van weelde te beschuldigen. Neen, Mijnheer de Maar wanneer men zegt: het accres van de uitgaven is
Voorzitter!
voortdurend grooter dan dat van de inkomsten, dan moet men zich als bewindsman toch afvragen, welk programma de man, die zoo spreekt, heeft. Alles hangt hier aan de vraag, welk accres in uitgaven een program van gemeentelijke politiek met zich zal brengen. Heeft men uitsluitend het oog op de nu reeds voorkomende gemeentelijke uitgaven, die gestadig met een klein accres klimmen, dan zal de verruiming der middelen, die men thans verlangt, binnen enge perken kunnen blijven, ook al vergeet ik niet, dat het millioen, dat Amsterdam in 1898 meer kreeg, niet alleen reeds verslonden is, maar nog een tekort achterliet. Kiest men daarentegen voor een program van gein den zin der „Reformpartei", gelijk Damaschke dan spreekt het wel vanzelf, dat de nieuw te scheppen middelen nog geheel andere verhoudingen zullen moeten aannemen en dat ze met wat nu het cijfer van het tekort beloopt van verre niet te
meentelijke dit
politiek
uitwerkte,
vergelijken zullen
zijn.
Intusschen heeft niemand kunnen beweren, dat de Regeering ten deze een verkeerd standpunt ingenomen had, door eerst de zaak te onderIk meen, dat de heer Heemskerk zoeken en daarna te handelen. daarmede ook tevreden zal zijn, vooral wanneer ik ter verlichting van zijn
conscientie
er
bij
voeg, dat ik niet
hem
bedoelde, toen ik sprak 17
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's