Parlementaire redevoeringen - pagina 368
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING =1902-.- 1903.
366
de Memorie van Beantwoording geen andere toezegging gedaan dan
in
deze,
dat
zij
Staatsblad gebracht het
te
begrijpen, dat
in
den
algemeenen
omstandigheid,
naar
Op
dat tijdstip kon niet anders gesproken meer daaromtrent mededeelen. Men de aanwezigheid van de Ministers in deze week
hebben.
ik iets
Kamer gedurende den
de
hier
geheelen dag, aan het afwerken van
maatregel zeker niet bevorderlijk kon
dat het stuk,
om
geteekend
te
Loo gezonden en van daar weer
het
te
gegeven,
van
zijn
Staatsblad
wat stuk
het
dat
ik
beloven
worden,
zijn,
uit
terwijl
Maar
meen
ik
de
de residentie
terug moet komen,
aard der zaak eenige vertraging moet geven.
verre
eene beslissing zou
tot
Strafwetnovelle, den algemeenen maatregel dan in het
worden; thans echter kan zal
Kamer
hoopte, wanneer het in de
komen over de
den
uit
toch, niet
kan, indien de verzekering wordt
Dinsdagavond,
wanneer
alles
wel loopt,
in
het
zal staan.
Omtrent den inhoud van den algemeenen maatregel wensch ik thans enkele mededeeling te doen, noch te spreken over wat daarop betrekking heeft, noch over de vraag van den geachten afgevaardigde Groningen, of het recht van goedkeuring van het reglement door uit Ook schijnt het de Regeering niet tot tijdverlies zou kunnen leiden. niet noodig, nu reeds de opmerking te rescontreeren van den geachten afgevaardigde uit Goes, hoe de zaak van het loon in dien algemeenen maatregel zal voorkomen. Het komt mij voor, dat het beter is, eenvoudig te wachten totdat de heeren, aan wie, naar ik meen, het Staatsblad geregeld wordt toegezonden, het stuk zelf zullen zien. Dan toch zal er gelegenheid zijn, indien dit noodig wordt geacht, vragen geen
aan de Regeering
Met zekere
te
doen.
teleurstelling,
—
Mijnheer de Voorzitter,
—
ik
mag
mij dit
heb ik het advies van den heer Drucker beluisterd. Principieel bestond tusschen dien geachten algevaardigde en de Regeering geen verschil. Hij erkent het onbetwistbaar recht van de Overheid om niet
ontveinzen
,
strafbepalingen, gelijk hier voorgedragen worden, aan de Staten-Generaal
voor
en ook
te stellen;
staat het
voor hem
een onafhankelijk recht was. Maar nadat hij
hij
vast, dat dit recht dit
formeel
heeft toegegeven,
blijft
toch zijn bezwaren handhaven tegen het brengen van deze strafrecht-
novelle
Naar
in
zijn
het
Strafwetboek, liever alleen heil zoekend
meening zou, indien de Regeering na
weg bewandeld had en voorstel en indien zelfs
1
in
apaisement.
Februari den stillen
gekomen was met een dergelijk de geruchten daarvan hadden kunnen uitblijven, harerzijds niet
vanzelf de gewenschte toestand van kalmte, van gerustheid in den lande,
teruggekeerd
zijn
;
en voorts meende
hij,
dat vanzelf een toestand zoude
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's