Parlementaire redevoeringen - pagina 502
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING 1903—1904.
500
Daarom
er bijgevoegd
is
dat
ook moet overleggen eene verklaring^ ook in die periode gebleven is ingezetene
hij
van den burgemeester, dat van de gemeente. En zijn alzoo deze twee perioden door de stukken gedekt, dan komt er nog eene derde periode, namelijk die, welke verOok loopt na de indiening van den geloofsbrief tot op de toelating. hij
En daaromtrent periode kan twee of drie of meer weken duren. moet de raad zelfstandig onderzoeken en beoordeelen, of de gekozene ook gedurende dien tijd ingezetene gebleven is. Zal dit voorstel practische moeilijkheden opleveren? Ik geloof in geenen deele. Er staat niet, dat de burgemeester moet verklaren, dat de gekozene tot op den dag van de indiening van den geloofsbrief ingezetene van de gemeente gebleven is; er wordt geen last aan den burgemeester opgelegd; er staat alleen, dat de gekozene, wanneer hij die
gekozen en op 1 November zijn geloofsbrief moet overleggen een stuk, waaruit blijkt, dat hij op 1 November nog ingezetene is. En wanneer de gekozene tot den burgemeester het verzoek richt, op November te mogen ontvangen eene verklaring, dat hij dien dag nog ingezetene is, en hij gaat die op 1 November zelf halen en neemt de overige stukken mede, dan behoeft hij er die verklaring slechts bij te voegen, om alles saam
bijv, op wenscht
1
October
in
is
dienen,
te
1
ter secretarie
Ten
verkeerd
woord
te
kunnen overleggen. nog op gewezen,
slotte zij er
staan,
en dat het
laatste
dat de aanhalingsteekens in art
„is".
Handelingen,
Mijnheer
de
Voorzitter!
De Savornin Lohman,
Ik
dat wij ons
voorgesteld,
is
moest
vervallen,
waren
ingelascht, thans langs
schen
is.
dan ook geenszins eene poging
brengen, maar, nadat bleek, dat de in
rhoest
het
blz.
255
—256.
ben het geheel eens met den heer bij de tweede lezing moeten houden
binnen de grenzen van hetgeen geoorloofd te
1
moet geplaatst worden achter het
art.
De wijziging, op art. om iets nieuws in de wet 1
19 aangebrachte wijziging
waarmede die woorden anderen weg bereikt worden.
doel,
in
art.
Nu
19
intus-
toevoeging niet is eene eenvoudige van verduidelijking, maar dat het een in den zin nieuw element in het debat brengt, en ik dit kwalijk kan ontkennen, daar tot dusverre aan den gekozene de verplichting, om voor die korte periode van zijn embryonistisch bestaan bewijs van ingezetenschap te is
opgemerkt, dat die
wijziging
van redactie
leveren,
niet
was opgelegd,
laatste
rest mij niets anders,
dan den
staart er af
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's