Parlementaire redevoeringen - pagina 80
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING 1901—1902.
78 van vestiging bedrag en duur van
tijdstip
de gemeente, kerkgenootschap, beroep, vorm, de toegekende ondersteuning. Ik weet wel, dat
in
iets stond van geheimhouding en dat alleen de kennis mocht nemen, maar ik weet ook, opgave die van inspecteur armen en niet de erkende armen schamele de geheimhouding dat die die schamele armen over recht voorbehield, betrof, en dat men zich het Doch ook al was die geheimnaar de erkende armen. te brengen
er
een ander artikel
in
houding nog grooter, dan zou ik dit willen vragen weten de heeren niet, dat in de Kerk van Christus armenzorg als armenzorg en familie wordt beschouwd, van broeders en zusters onder elkander ? En zouden :
dan
heeren
de
de
onder
niet
liberalen
meenen, dat het algemeene verontwaardiging, ook zou teweegbrengen, wanneer er een wetsontwerp
werd voorgedragen, waarbij ieder, die geld uitbetaalde tot ondersteuning van zijn broeder, zuster of moeder, verplicht werd het cijfer van het bedrag en den duur van den tijd aan een ander, door de Regeering aan te wijzen persoon, op te geven?
men
Wanneer Groningen
wat
zeggen:
hoort
en
leest
dit
dan
geachten
den
afgevaardigde
deze onbeduidendheid? dan
beteekent
daaruit juist het groote gevaar van den toestand.
blijkt
ware
het,
de
indien
heer
uit
Drucker gezegd had:
Geheel anders
Dit zijn gewichtige
aannemen, dat de heeren daarop gestuit zijn; maar hadden zij niet eenig vertrouwen in ons kunnen stellen, of kunnen pogen den toestand te verbeteren? Maar nu de geachte afgevaardigde gezegd heeft: Het zal niet geweest zijn om dergelijke onbeduidendheden, daar wel, dat het gevoel van die heeren voor wat voor ons zijn blijkt dingen
en
ik
Christelijke
wil
grondslagen,
zóó verzwakt
onzen toestand kunnen daarom hebben wij ons op
dat
is,
zij
zich zelfs niet
meer
verplaatsen.
in
Juist
van
grondslagen
bouwen en
ons
wij zullen
te
maken,
voor die Christelijke springen en er op voort te
volk in de bres te ons reeds gelukkig achten,
—
kunnen voortbouwen Maar ten loswrikking daarvan afweren. verder
wij
niet
op de vraag,
om
,
—
ook
al
blijkt,
dat
indien wij althans verdere
slotte
concentreert zich alles
of de normen, de regelen, de wetten en ordinantiën van
en huiselijk leven beheerscht worden door 's menschen wil en goedvinden of wel door een hooger gezag. Er in een nieuw tijdschrift. Onze eeuw, door en dit verheugt mij is
het
staatkundig,
maatschappelijk
—
een
—
ander
hoogleeraar
in
de rechten, professor
Van
der Vlugt, reeds
waar zóó het dilemma stond, gekozen moest worden voor een hooger gezag. Alleen kwam ook hij nog niet tot de erkenning, dat dit hooger gezag in den Almachtigen God moet gevonden worden.
erkend,
dat,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's