Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 274

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 274

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

ZITTING 1902—1903.

272

gevolgen van opruiing enz.,

voor de pluis

mij voor, niet geheel

Intusschen zullen de heeren mij ten goede houden, dat,

zijn.

te

kwam ook

ik na het verschijnen van het Voorloopig Verslag die zaak heb kunnen onderzoeken en slechts enkele dagen voor het uitgaan de Memorie van Antwoord bericht ontving, er geen tijd en ge-

aangezien eerst

van

legenheid was, de zaak verder

onderzoeken.

te

Handelingen,

de

Mijnheer

heer

hetgeen

Uit

zoek.

Hugenholtz,

eenvoudig

Naar

Ik

Voorzitter!

ik ten opzichte der

kan op

verordening doen ik niet

dit

zal.

blz.

525—527.

oogenblik niet zeggen wat

Dit eischt nauwkeurig onder-

kan de geachte afgevaardigde, de opmaken, dat het mijn voornemen is, de zaak straks zeide,

laten rusten.

te

aanleiding van de

nog zeggen, dat

opmerking van den heer Van Idsinga

wil ik

die zinsnede wel degelijk geldt eene hisioria facti.

Al

den haak, zoo kon men, nadat ik uit Haarlem de verzekering kreeg omtrent de wijze, waarop zij wordt toegepast, wel zeggen, dat de bepaling niet deugde, maar niet, dat de toestand niet

was de bepaling

De

goed was.

niet in

toestand

is

buiten critiek.

Handelingen,

Vergadering van

Mijnheer de Voorzitter

!

De

12

December

blz.

527.

1902.

geachte afgevaardigde, de heer

De Waal

van Utrecht, bleek dankbaar, maar niet voldaan te zijn. Hij maakte de opmerking, dat nog steeds deze misstand heerscht op die griffie, dat zoo menig ambtenaar in den hoogeren rang nog niet het maximum bereikt heeft, dat voor den daaraan voorafMalefijt,

sprekende

gaanden

rang

niet

aan

te

over de

bepaald

griffie

Ik

is.

behoef dien geachten afgevaardigde er

herinneren, dat door de provinciën dikwijls gebruik wordt

gemaakt van het recht van benoeming tot een hoogeren rang, waar het nog laten van dien ambtenaar in lageren rang meer gewenscht zou zijn. Het schijnt voor die ambtenaren tot op zekere hoogte begeerlijk te zijn,

een

hoogeren

rang

te

bekleeden, en

zij

schijnen daarop prijs te

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 274

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's