Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Nabij God te zijn - pagina 167

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Nabij God te zijn - pagina 167

2 minuten leestijd

159

HIJ NEIGT ZIJN OOR TOT MIJ.

hemelen, waar de Heere troont in het eeuwige Licht. Onze Heiland beval ons aan, niet ons gebed aan te vangen met een spreken tot den Heiligen Geest in ons, niet met een roepen tot den Alomtegenwoordige die ons gaan en ons liggen omringt en wiens hand op ons is, maar met een der

de hemelen is", en zoo schoon zegt onze Catechismus, dat we dit alzoo doen zullen, opdat we van den hoogen God niet aardschel ijk zouden gedenken. „onze Vader die in

eerbiedig aanroepen van

Natuurlijk

het daar niet

blijft

wat

gebed intiemer;

het

het bidden allengs ons

we

hoe

ja,

ten

met ons

Geest

bidden zullen.

wil,

voortgang wordt

dat

God ons onder

heilige tegenwoordigheid ontdekt, en

zijn

komt;

nabij

Heilige

Bij

bij.

zeggen slotte

ons eigen hart, als de

in

bidt en voor ons bidt, en dan zegt

Maar hiermee

te

beginnen

is

kranke

mystiek.

We zich is

staan

tot

eerst

hooger

voor

den

afstand.

Niet

opheffen.

Eerst moet de

ziel

hier beneden, daar boven

het altaar van de gebeden der heiligen, dat als reukwerk

Niet meer hier beneden, maar

voor Zijn aangezicht brandt.

hemel

den

in

zit

aan Gods rechterhand onze Heiland, die

voor ons bidt, en door

zijn

voorbidding ons bidden steunt.

omhoog het corda, en dan daalt God Eerst «hoog,

het gebed tot ons

En

af,

soms

sursum

hart naar boven", het in

zijn

majesteit genadiglijk in

tot in ons hart.

gebedsdrang nu uit zich bij ons daarin, soms een roepen, een schreien, een maken van misbaar, gel^k de psalmist zegt, worden kan en eerst als we dan merken, dat God zijn oor tot ons neigt, op ons

dat

deze

het

echte

bidden

;

merkt,

en

naar ons bidden

luistert,

komt de biddende

ziel

tot rust.

Als

van

we onder het bidden God zich tot ons

onzen

voelen, dat het luisterend oor neigt,

dan

is

de afstand over-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's

Nabij God te zijn - pagina 167

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's