Parlementaire redevoeringen - pagina 665
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
663
IJSELSTEENFABRIEKEN. alleen
noodig
kunnen deze
Ook
zijn
met het oog op het spetten van het glazuur.
niet
beveiligen voor spetten in het gezicht, wat nog veel
In verband
met een en ander zullen de bepalingen, die moeten strekken om schade door het spetten van het glazuur te voorkomen, wellicht verandering moeten ondergaan. Dit zeg ik echter, dat ik er geen berouw over heb, die bepalingen voorloopig in een Koninklijk Besluit te hebben opgenomen, omdat dit juist het middel is om vóór gevaarlijker
is.
de vaststelling van de Arbeidswet volledig op de hoogte
te
Dan
zijn.
zaken vastgesteld moeten worden met medewerking van de Staten- Generaal en zal het van belang zijn, tegen dien tijd volledig op
zullen
die
de hoogte
Wat
de
zijn
te
van den toestand. van
keuring
de vrouwen
betreft,
weet men, dat
zij
is
toe-
Wintgens, een man, van wien bekend is, dat hij zich Of het is voorin deze materie reeds verdienstelijk heeft gemaakt. onderchefs, kan de van een heeft gestaan gekomen, dat eenmaal daarbij
vertrouwd aan
ik
niet
dr.
zeggen; ik weet dat
Ik weet wel, dat de keeren, dat ik
niet.
niemand anders in het lokaal was dan dr. Wintgens en eene adjunct-inspectrice van den arbeid, de laatste opdat die vrouwen Dat daarbij wel eens niet alleen met den geneeskundige zouden zijn. simulatie is voorgekomen, als ook dat eene vrouw, die ongeschikt was, het
gezien
heb,
toch in de fabriek
is
gebleven, kan
om
vaardigde bepaalde feiten noemt, wil ik wel de door
Hij
Minister heeft geen alziend
overal ongezien tegenwoordig te zijn. Wanneer de geachte afgedie vraag kan ik dus niet antwoorden.
oog en geen ring van Gyges
Op
De
zijn.
echter
zal
openbare
wil
moeten toestemmen,
discussie
die wel onderzoeken en ook aan de inspecteurs overbrengen. dat dergelijke détail-vragen bij de ik
hem gedane vraag over
zoodanig
onderwerp onmogelijk
voetstoots
beantwoord kunnen worden.
ook gaarne laten onderzoeken, of de waschinrichtingen langzamerhand gereed komen. De geachte afgevaardigde zal moeten toestemmen, dat, als men heden een Koninklijk Besluit uitvaardigt, het morgen niet in zijn vollen omvang kan zijn nageleefd. Er is daartoe een zekere overgangstijd noodig. Maar ik kan de verzekering geven, dat van de zijde van het ministerie er op wordt aangestuurd, afdoende bepalingen in het leven te roepen, maar ook, dat hand wij zeer goed gevoelen, dat bepalingen niets baten, indien er de
Zoo
en
niet
wil
ik
schaftlokalen
aan gehouden wordt.
Handelingen,
blz.
990—991.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's