Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 281
Eerste deel. Inleidend deel.
Afd.
die
Ansehen der
WALCii.
273
ook voor hem „principium theologicum"
zooverre
in
hebben dus „den
Zij
Hfst. III. § 88.
j.
Schrift,
dem Sinn
so darinnen enthalten, so fern solches nach
Zeugniss,
blijft.
Grund ihrer Wahrheit in dem göttlichen und ihre Gewisheit in dem deutlichen
(p. 7). Door deze „Gewiswordt dus de Theologie „eine eigentlich so genantte Wissenschaft,'' in zooverre ze ons grondwaarheden ontdekt, waaruit
<les heiligen Geistes
verstanden wird"
heit"
gevolgen kunnen getrokken worden. Slechts hierin
ihre Wahrheit (nicht) aus der Beschaffenheit der Sache durch die Vernunft überzeugend erkennen kan"; veeleer
de grondwaarheden, waarop de Theologie gebouwd
das
dank
Zeugnis
göttliche
maar
anzunehmen",
ook
zij
staan
is,
„auf
dan ook,
het goddelijk karakter van deze autoriteit, in zekerheid
zij
verre boven de natuurlijke wetenschappen
In
de Theo-
man
„dass selbst zijn
is
wetenschap, van de andere wetenschappen onderscheiden,
logie, als
overeenstemming met
dit
(p.
8).
uitgangspunt kent Walch dan
eigenlijk slechts ééne disciplina Theologica en wel de syste-
matische,
die
Wahrheiten"
clan in
om
het
tweeledig
twee onderdeelen, de
karakter
thetische, of
der
„göttliche
de Dogmatiek,
en de practische, of Moraal, uiteenvalt: „Das sind die Haupttheile; oder die vornehmsten
Disciplinen
der Gottesgelahrheit"
(p.
9).
Daar komen dan nog wel andere vakken bij, maar die, wel bezien, toch weer onderdeelen zijn van een van deze twee. Polemiek, Symboliek, Patristiek hooren
een
van
verre
opmerking
onjuiste
en Catechetiek, evenzeer
als
feitelijk bij
(p.
11);
de Dogmatiek
terwijl
göttlichen Wahrheiten" bedoelen, mits „wie es die
Umstande
.
.
,
mit sich
Homiletiek
de Dogmatiek, „das Vortragen der
bringen";
Ordnung und
voor wat de Homiletiek aan-
gaat met het oog op den tekst, en wat de Catechetiek betreft
met het oog op „der Zustand der Einfaltigen"
(p.
12).
In
dit
kader kon uiteraard aan de exegetische Theologie geen afzon-
worden aangewezen, en hij laat ze, wat zeer de dan ook geheel weg. Deels, omdat ze z. vanzelf in de Dogmatiek en Moraal behandeld wordt, maar deels ook, omdat hij ze bij de gewone philologie rekent, „und ausser
derlijke
plaats
aandacht
verdient,
•dem
heilige
die
i.
Auslegungskunst vor keinen
der
Theologie
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's