Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 339

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 339

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

§102. RATIO STUDII soc. Jesu.

Hfst. III.

2.

wikkeld. (Zie Monumenta Germaniae Paedagogica, Band. II en V. ed.

Kehrbach,

Berlijn,

psychologische onderwerpt,

Zonder ons nu

1887).

waaraan

manipulatiën,

toch

hier

dient

inspanning door Ignatius niet neutraals

veeleer

er

stelt,

mits

God mede

quandoquidem

dienen.

zelfs

Zoo zegt

.

.

Domino

nog drukt

hij

.

.

.

hij

in Const. lib. IV.

mortihcationibus, orationibus

non adeo multum

.

loei

tribuetur

dare operam, qiuie sinccra ciuu intentione

litteris

non minus, quam ac

zelfs boven

te

quodammodo totum hominem

Divini servitii addiscuiUur et

Deo

hij

deze studiën de intentie op den voorgrond

„Post probationem

2.

iets

maar dat

;

bij

ac meditationibus prolixis

))iagis

of als

iets,

de krachtsinspanning aan de studiën besteed

cap. IV. ^

runt,

een onheilig

als

leerlingen

zijn

de intellectueele

dat

rang onder de ascese gesteld wordt

in

de ascese sta,

Ignatius

aangestipt,

met de

in te laten

in

tempore studiorum, imo

versari

illis

nostro gratum erit"

zich in het 6

e

requi-

caput

(II. p. 22).

uit,

waar

hij

En

sterker

de te zeer

tijdroovende ascetica opsomt onder de „Impedimenta quae remo-

venda sunt." In

§

3

toch heet het daar:

veantur, quae a studiis titicationum, (II. p.

28).

Immers

animum

quae vel nimiae vel sine ordine debito suscipiuntur"

In de studie zelve ligt als zoodanig „meritum apud

leert § 2

summae

(ib.).

magni

nteriti in

apud se statuant"

Majestatis,

moeten ze de ascetische absoluta, differre"

Deum."

„Studendi laborem, ex obedientia et charitate,

:

ut par est, susceptum, opus esse

ac

„Impedimenta remo-

avocant, tam devotionum ac mor-

exercitia,

conspectu Divinae Uit dien hoofde

(ib.).

„Heet pia, donec studia sint

Bovendien, ze verliezen daarbij

niets,

want

de niet studeerenden volbrengen dan toch deze ascetische oefeningen, en hiervan komt de vrucht ook hun ten goede

nu

ligt

hierin

een

opheffing

3).

Feitelijk

van het onderscheid tusschen de

profana et sacra studia. Niet de leerstof, maar de intentio, waar-

mede men haar bewerkt, van welken aard ze ook

bepaalt het karakter onzer studiën, die, zijn

mogen,

altoos strekken moeten,

om

de gloria Dei et salus animarum te bevorderen.

Toch erkent

Ignatius,

dat

er studiën

rechtstreeks bevorderen, en die

daarom

Societas Jesu moeten beoefend worden,

zijn,

in

die dit doel

de eerste plaats

maar ook

bij

meer in

de

de opsom-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 339

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's