Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Nabij God te zijn - pagina 166

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Nabij God te zijn - pagina 166

2 minuten leestijd

158

HIJ NEIGT ZIJN

OOR TOT

MIJ.

naar God schreien, maar dat gaat instinctief, dat noemen we zelfs geen bidden. Het wezenlijk bidden gaat door ons bewustzijn. Wie bidt, moet weten wat hij bidden zal. Zijn herinnering moet opleven, hij moet indenken de nooden, waarvoor hij bidt, moet kennen de weldadigheden waarvoor hij dankt, hij hij moet klaar voor zich hebben de taak, waarvoor hij Gods hulpe inroept, hij moet voor zich stellen de Majesteit, die üit de mystiek van het gehij groot maakt en aanbidt, moed moet de biddende ziel tot klare bewustheid komen, en dat komt in het woord, dat komt door de stem tot uit de ziel

stand, dat voleindt het bidden. uit.

de stem het werktuig, dat het gebed van den bidder

is

brengt

de

tot

voorgaat

de

door

gebed

moet

hem

Bij

zijn

speelt,

ziel

wie

met hem bidden.

wie met

voor

uit

de

hem

ziel in

Voor wie

bidden de omge-

het woord,

bij

dien

woord tot de ziel. Wie voorgaat in het als wie de toetsen van het orgel bespeelt. de ziel der anderen moet meeklinken, en

het

ander

van

ziel

gewone,

keerde werking.

Zijn

met anderen komt dat nog sterker

bidden

het

Bij

Dan

gemeenschappelijk gebed,

zoo ontstaat het

een eigen

genade ons geschonken van onzen God.

Dan komt de Als we over willen,

aan door

we

overzijde

de

hand

de

Er

iets

vanzelf onze stem, en helpt

ander

zijn

't

vragen ons als

oor naar ons toekeert, en,

het oor te leggen, ons toont dat hg

achter

en ons roepen poogt op te vangen.

luistert,

God,

een vliet of vloed heen iemand

verheffen

de

Wat

afstand.

breede wateren golven nu niet tusschen ons en onzen

als

we

ligt

tusschen,

tot

heel

en

Hem de

dan

roepen willen.

wereld, er ligt al de drukte des levens die

oneindige

afstand

tot

den

hemel

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's

Nabij God te zijn - pagina 166

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's