Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 485

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 485

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

13S. HEINRICI.

477

vijandige macht. Daargelaten dus de vraag, of er

nog organisch

verband aanwezig

Hfst. III. §

2.

zoo de eenheid der Theologie

in

een buiten

haar liggende overweging wordt gezocht, springt het

in het oog,

is,

wat Heinrici

hoe,

hoogstens

bedoelt,

leidend

motief voor

de drang en den naar wetenschappelijke beoefening der Theologie kan doen geboren worden, maar nooit het centrum Theologie kan

zijn,

van haar leven kan geen

den

organisme, veelzij digen

Feitelijk

zijn.

is

hem de Theologie dan ook

veelmeer aggregaat, inhoud

en verklaart

Theologie

der

te

zelf,

hij

na

hebben aangestipt:

„Diese Mannigfaltigkeit wird zusammengehalten durch die Bezie-

hung

alles

Einzelnen auf die wissenschaftliche Vermittelung der

welche den Diencr der Kirche für die geistesmachtige

Bildung,

Ausübung

seines Berufs ausrüstet"

10).

(p.

In verband hiermede kan hij in de Theologie als wetenschap dan ook geen anderen systematischen bouw ontdekken, dan dat er twee groepen van vakken zijn, waarvan de ééne een historisch,

de andere een normatief karakter in het verleden

historische

en

in het

studiën

nemen. Maar Christelijk

leven,

we

drijven,

zelven

en wij

we

ligt

een positieve stof

in

staat,

om

ons, en de

deze stof in ons op te

Immers de stroom van het het verleden tot ons komt, en waarop het niet.

moet ook

zelven hebben

weten, hoe

ons

blijft

die uit

Er

heden, achter, voor en

stellen

hierbij

bezit.

in

de toekomst

daarop actief in

te

zijn

loop hebben,

werken.

Om

nu

daarbij te getuigen en te handelen hebben,

er aan dit verleden en heden zekere

norma

ontleend, een

norma

voor wat allen getuigen, en een norma voor wat de leeraar

zoodanig doet. Onder de historische vakken deelt maals (p.

25).

wijzen

tweeën:

in

bibliscke

Wissenschaft und

Deze scheiding motiveert

te

moet als

dan nog-

hij

Kirchengeschichte

op de bekende wijze, door te op het onderscheid, dat bestaat tusschen het normatieve hij

karakter van allen oorsprong en het genormeerde karakter van alle leven, dat uit

voortzet.

hem

niet.

scheidt

dezen oorsprong

Een hoogere beteekenis

hij

waaronder

Wat nu in hij

deze

bibliscJie

haar drie deelen: verstaat

a.

zijn

proces naar

zijn

einddoel

heeft het Canonische begrip voor

Wissenschaft aangaat, zoo onder-

i.

de onderzoekende vakken

biblische

Sprachkunde,

b.

(p. 36),

biblische

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 485

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's