Parlementaire redevoeringen - pagina 524
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING 1903—1904.
522
De door echter de geachte afgevaardigde uit Den Helder? het oponthoud van ter verklaring reden plausibele gegeven Regeering de en stelde daarvoor in de plaats, dat het wel ter zijde hij zette hebben, dat het wetsontwerp technisch zoo slecht gelegen daaraan zou Wat deed
Nu
wanneer uit de feiten blijkt, waar men twee mogelijkheden van verklaring heeft, eene ten dat men kiest, zittende aan de zijde der meergoede en eene ten kwade derheid, de kwade uitlegging, die zonder eenig bewijs een blaam op het Kabinet werpt, of men dan kan gezegd worden, met leedwezen elkaar
in
zat.
—
vraag
ik
toch,
of,
—
opponeeren? Zonder eenig bewijs herhaalt de geachte het tweede détail. afgevaardigde het beweren van de linkerzijde, dat het Kabinet geroemd had in wat het gedaan heeft naar aanleiding van de gebeurtenissen in te
En nu
het voorjaar, en
hij
voegt er
bij,
dat dit geheel ten onrechte was, daar
de goede gang van zaken, gelijk die zich toen ontwikkeld heeft, vooral behoort gedankt te worden aan de goede gezindheid, die zich juist onder den arbeidenden stand openbaarde. Zoo heeh de heer Staalman En wat staat Ik heb hier voor mij de Troonrede. het voorgesteld.
minder dan dit: „Toch doet de nuchterheid van geest, dagen van spanning bij het overgroote deel onzer werklieden openbaarde, hope koesteren voor een gezonden voortgang van Hieruit blijkt afdoende, dat de Regeering de arbeidersbeweging" enz. daarin?
Niets
die zich in de
de Troonrede geen woord gesproken heeft over haar zelf, maar eenvoudig met nadruk gewezen heeft op de nuchterheid van geest, die zich in die dagen bij het overgroote deel onzer werklieden openbaarde. En daarom vraag ik wederom, of, wanneer men, zittende aan de rechterzijde,
in
wat
wetende
en
klaring geeft,
in
de Troonrede
men dan
oppositie
staat,
nochtans hier zulk eene ver-
voert met
leedwezen en enkel
uit
plichtsbesef?
Ik wensch hierbij nog enkele opmerkingen te voegen, naar aanleiding van het door dien afgevaardigde gesprokene. Hij verklaarde in al wat de Regeering gedaan heeft niets te bespeuren van de Christelijke beginselen. Hierbij dient men zich wel te vergewissen van de beteekenis der taak, die volgens dien spreker het Kabinet te vervullen heeft. Die
van drieërlei aard. In de eerste plaats heeft het Kabinet tarief, in de tweede plaats ervoor te zorgen, dat het bijzonder onderwijs meer geld krijgt en in de derde plaats te zorgen voor de pensioenverzekering.
taak z.i.
is
te
Stel tafel
z.
i.
zorgen voor het
nu,
dat
lagen, zou
die
drie
men dan
ontwerpen' reeds niet
allen
geheel uitgewerkt ter
met eenig recht kunnen vragen, waar nu
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's