Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 308

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 308

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

ZITTING 1902—1903.

306 hebben

hebben,

bracht

getoond, geestelijk hooger

zij

die altijd vragen: geef ons alles

De een

heer Roessingh, die

staan dan

zi)\

debat heeft geopend, heeft ons geleid op

dit

een veel

practischer,

veel

te

voor niemendal. gladder en vlakker terrein.

Hij heeft

zeer terecht de aandacht erop gevestigd, dat er onderscheidene gemeenten

ons

in

land

die

zijn,

niettegenstaande de Leerplichtwet zegt: alle

niet

Wanneer men

nu

kinderen moeten naar school schoollocaliteiten.

dan zeg ik: neen, natuurlijk

is,

gezorgd hebben voor behoorlijke

niet.

vraagt,

De

of

toestand

die

goed

gemeentebesturen hebben

te

voor de jeugd, die in de schooljaren valt, behoorlijk plaats op de school aanwezig is. Maar mag men daarom onredelijk worden? Kent de geachte afgevaardigde dan ook niet wat men noemt zorgen,

er

dat

overgangstoestand?

een

schoolbevolking geheel terwijl

land,

het

Als

hem

ik

afgeloopen jaar

het

zeg,

de toeneming van de

dat

bedroeg 46,799 kinderen over

dat wil dus zeggen eene toeneming

de toeneming van de bevolking was 1,62

men

hier

stond

een

voor

men lijk,

dat

een

zekere

erop heeft ingericht?

tijd

,

van 6,22 pet., dan zal hij, die

jaren kent, begrijpen,

En wanneer

exceptioneelen toestand.

voor zulk een exceptioneelen toestand er

pet.

gewone toeneming van de vroegere

zeer goed de dat

in

staat,

is

het dan niet natuur-

moet verloopen, voordat men

Ja, zegt de geachte afgevaardigde,

zich

weder

de gemeente-

maar

het heeft daaraan gelegen, dat zij door de genoeg gesteund worden, zooals bij name met de gemeente Emmen het geval was. Daar moet ik echter dit van zeggen: bij de begrooting is mij toegekend eene som van f 350,000, om daarmede te voldoen wat krachtens art. 49 moet betaald worden. Wanneer nu in het begin van het jaar eene gemeente komt vragen: geef mij f 63,000, dan zou ik een slecht administrateur zijn, wanneer

besturen

wilden

wel,

niet

krachtig

Regeering

ik voetstoots zeide: daar

gemeenten, die

groote

hebt

om

gij

dat bedrag.

Volgden er dan eenige

hulp vroegen, en ik verleende ze haar, dan

aanvragen, die later kwamen, moeten zeggen: het heb het aan anderen gegeven. Men moet er eenigen kijk op hebben, welke aanvragen er jaarlijks zullen komen en hoe men de

zou ik

bij

nieuwe

geld is op, ik

beschikbare

som

zal verdeelen.

plaats merk ik op, dat, wanneer er gemeenten zijn, gemeente Emmen, die bij eene krachtige toeneming van de bevolking de middelen niet bezitten om zich zelf te redden, dan aan dergelijke gemeenten de eisch gesteld moet worden, dat zij niet weelderig worden, maar zich tot het eenvoudige bepalen. Nu waren de ontwerpen, die ik kreeg van de gemeente Emmen, van dien aard, dat ik

In

gelijk

de

de

tweede

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 308

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's