Parlementaire redevoeringen - pagina 658
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING 1903—1904.
656 en
seeren, leend.
aan
vereeniging als zoodanig wordt eenige steun ver-
die
Maar men moet daarmede
niet
verwarren het geven van voeding
—
dat geef en kleeding op de school, al kan men niet per se zeggen, dat dit zou zijn armenzorg, omdat het gebracht kan worden ik toe
—
,
onder
de' middelen
slagen.
Maar nu
om
rijst
de verplichting rust,
Wanneer
het
zoo
het
onderwijs
de vraag, of niet te
bij
in
de kinderen beter
te
doen
de eerste plaats op de ouders
zorgen voor het onderhoud van de kinderen.
doorgaat,
zal
men
eindelijk,
zooals in
Amsterdam
f150.000 gaan geven voor voeding en kleeding der schoolgaande kinderen. Maar dan wordt op die wijze de verplichting om voor hun kinderen te zorgen van de ouders afgenomen en op de reeds
is
voorgesteld,
school overgebracht. die
kinderen
te
En dan
helpen,
die
zal
men
niet
kunnen volstaan met alleen maar dan zal het als
het noodig hebben,
moeten gelden. Men zal er op gaan rekenen, dat het schoolop school brood krijgt; dat kind behoeft dus 's morgens 's morgens thuis geen brood te ontvangen, en men houdt het dan voor de kinderen, die niet schoolgaan, en voor vader of moeder. Men zal dan ook verder moeten gaan. Het is toch niet te ontkennen, dat het ook voor het onderwijs van belang is, dat het kind goed geslapen heeft. Wanneer een onderwijzer slecht heeft geslapen, zal hij geen goed onderwijs kunnen geven, en wanneer het kind slecht heeft geslapen, zal het minder goed de lessen kunnen volgen. Men zou er dus toe moeten komen, een onderzoek te gaan instellen naar de slaapgelegenheden van de kinderen, en de vertrekken, waarin zij des avonds zitten. Men zal steeds verder en verder moeten gaan, tenzij men zich beperkt tot de ragged people, en, wat dit betreft, heb ik reeds opgemerkt, dat de zorg daarvoor niet is uitgegaan van links, maar van rechts. De heer Ter Laan heeft verder gewezen op iets, waarop ook reeds vroeger door de rechterzijde is gewezen, n.1. hierop, dat het Rijk en de gemeenten voor de opleiding van personen, die hooger in de maatschappij staan, zulke groote sommen uitgeven hij heeft gesproken van f 600, die voor leerlingen van gymnasia worden bijbetaald. Hij had er ook kunnen bijvoegen wat het onderwijs kost op de kweekscholen; dan zou hij ook een groot verschil bemerken met wat het onderwijs van de arme kinderen kost. Dit alles is volkomen waar, en herhaaldelijk is er van rechts op gewezen, dat de gegoede burgerij te weinig betaalt voor het onderwijs, en dat het niet aangaat, dat gemeente of Rijk zooveel bijleggen voor het onderwijs van de kinderen van iemand, die in goeden doen verkeert, waardoor eigenlijk voor een deel de opvoeding van zijn kinderen door gemeente of Rijk wordt betaald. Ik ben daarom altijd regel
gaande kind
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's