Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 352

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 352

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

ZITTING 1902—1903.

350 terpellant, in

verband met

zijn interpellatie,

de Regeering verklaart gaarne, dat

zij

sirenenzangen gezongen, tn

harerzijds niets vuriger en inniger

wenscht, dan dat de thans bestaande spanning, zonder eenig conflict en

zonder het uitbreken van eenige botsing, moge leiden tot herstel van rust en orde onder de burgerij. Maar de Regeering kent evenzeer haar roeping

om

zich door geen sirenenzangen,

ook

niet

van den

interpellant,,

in slaap te laten zingen.

In

de tweede plaats

ring al dan

niet

is

door den interpellant gevraagd, of de Regee-

voornemens was om, brak er weer eene staking

uit,

als spoorwegpersoneel te gebruiken, en, indien ja, op grond van welke wettelijke bepaling. Met beroep op art. 94 van de Grondwet, tweede lid, laatste woorden, moet de Regeering zich onbekwaam verklaren, op die vraag te antwoorden. Zoolang wij staan voor bedreigingen, als waarvoor de Regeering thans staat, waarbij wij gehoord hebben, dat ook de interpellant zich een vijand van de Regeering noemt, gaan wij niet onze plannen van operatie, zelfs niet in comité-generaal,

militairen

blootleggen.

Het belang van den

Staat verbiedt,

op die vraag

te

ant-

woorden. In

de derde plaats heeft de interpellant gevraagd, of de Regeering,

met het oog op de vele kosten, wanneer deze ongeregelde toestand weer tot rust zal zijn gekomen, geneigd was, de herhalingsoefeningen zóó in te korten, dat het eenigszins in het gelijk kwam. De Regeering heeft in de eerste vergadering van den Ministerraad, waarin van de oproeping der lichtingen gesproken is, terstond tevens overwogen de vraag, of dit niet zou kunnen leiden tot eene besparing, niet van geld, maar in de eerste plaats van lasten, der burgerij aangedaan, op de

De

herhalingsoefeningen.

interpellant

behoeft

dus

niet te

denken, dat

voor het eerst bij de Regeering doet rijzen. zijde moet de Regeering even pertinent verklaren, andere Maar aan de dat zij op de vraag, of dat mogelijk zal zijn, hoe dat zal kunnen worden geëffectueerd en op welke lichtingen het zal worden toegepast, eerst dit

eene gedachte

is,

die hij

dan zal kunnen antwoorden, wanneer deze beide lichtingen weer in vrede naar huis zijn gegaan. De interpellant heeh verder inlichtingen gevraagd omtrent het gebeurde op het station te Heerenveen met een daar uitgereikten brief. Die inlichtingen worden gaarne verstrekt. De dienstreglementen van de Staatsspoor verbieden aan het personeel het vervoer van andere brieven In strijd met die bepaling van Leeuwarden door een conducteur een brief aanaan een ambtenaar, die op het perron te Heerenveen de

dan dienstbrieven van de Maatschappij. de dienstorde werd gebracht

uit

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 352

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's