Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 306

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 306

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

!9*

2.

KANT.

Hfst. III. § 95.

zal betwisten. Feitelijk treedt Kant dus, zij het ook met geheel andere voorstelling over de natuur van het goede en booze in den mensch, in het voetspoor van Spener. Wat

stellingen

voor Spener de sensus was,

is

voor Kant

van

dit

zedelijk

spiritualis in het

element moet

een woord

Met Spener stemt Kant overeen

de overheidsreligie en de

religie

ook Kant de Theologie

wil

Theologie opgaan, zonder

alle

verder op wetenschappelijk terrein spreken.

leven der wedergeboorte

kategorische imperatief, en in de voeding

zijn

Maar boven deze

allen

in

verheft

En met Bahrdt

hart.

van den Staat brengen.

dienst zich

de schifting tusschen

in

van het

kunnen mee-

te

Kant

daardoor, dat

hij

in

het geheel van zijn denken een plaats ook aan de religie, zoowel

haar algemeenen,

in

vorm aanwees, en haar

„sectirenden"

als

vergoelijkend bespreekt, maar waardeert als bestanddeel in

niet

het hoogste goed der menschheid.

komt

Dit

vooral uit in zijn rangschikking van de drie hoofd-

naar den

faculteiten

objectiv)

(d. h.

eisch

„der Vernunft". „Nach der Yernunft

würden die Triebfedern

stehen: zuerst eines Jeden ezviges

... in folgender

Wohl; dann das

Ordnung

bimgerliche als

Xach der Vergewöhnlich angenommene Rangord-

Glied der Gesellschaft; endlich das Leibeswohl

würde also wohl die nung unter den obern Faculteiten

nunft

theologische,

om

.

.

namlich zuerst die

statt finden,

darauf die der Juristen, und zuletzt die mcdicinische

Facultar (S.W. X. zaak,

.

p. 269).

Maar natuurlijk

is

Kant

het

zelf in hoofd-

de philosophische Faculteit te doen, die „dazu dient

sic

Med. faculteit) zu controliren weil auf Wahrheit wesentlichen und ersten Bedingung der Gelehrsamkeit über-

(de Theol., Jur. en (der

.

.

.

ankommt die NützlicJikcit aber, welche die obern zum Behuf der Regierung versprechen, nur ein Moment vom zweiten Range ist"(p.27Ó, 2 7 7).En hiermee is de heerschappij der

haupt)

Alles

;

Facultaten

philosophie natuurlijk gevestigd. Doet de Theologie dienst, niet

antwoord

om

te

geven op de vraag: Wat

zedelijkheid aan te

haar

ernstig-

om

is waarheid?, maar uitsluitend kweeken, dan verbeurt ze hiermee tegelijk

en wetenschappelijk karakter, en

die voortaan souverein over

ziet

waarheid beslissen

ze de philosophie, zal,

de plaats

in-

nemen, waaraan ze dusver haar eere en haar belangrijkheid dankte.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 306

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's