Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 347

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 347

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

INTERPELLATIÊN-MEES EN TROELSTRA. is,

wat

eene versterking van de gewapende macht noopt of

tot

En wat was nu de

waarover

sterkte,

Wij hadden

van Januari?

Haag

345

in

wij beschikten in de laatste

Amsterdam 591 combattanten en

leidt.

dagen

Den

in

voor de hoofdstad en voor de residentie samen 1361 man. En toen op 31 Januari in allerijl detachementen waren gezonden van hier naar Amsterdam, was in den zetel der Regeering dat

770,

zeggen,

wil

de infanterie geslonken

De

om

zucht

gedeelte,

als

in

ik

op 220 man en de cavalerie

tot

waarin er geen oefeningen

tijden,

het zoo

noemen mag,

tot

tot

er aanleiding ontstaat, dat

men met eene gewapende macht

optreden in

die

de

van het

aanvulling

onder

wij

land zoo

klein

oproepen

'der

geleid, die

de is.

bijna

bespottelijk

maakt,

kleine

aantal

wapenen hebben en wier getal En wanneer nu beweerd wordt,

lichtingen,

waartoe wij

zijn

in

te

be-

dat,

zoodra

zal

moeten

moet worden

eenig verzet, er onmiddellijk

tegen

het blijvend

de kleinste proportiën

perken, heeft in ons land

een toestand

op 306 man.

tot

zijn,

voorzien militairen,

geen

enkel

met het overgegaan, althans te ver dat

wij

kan ik gelooven, dat men daartoe komt, als men zulke onware cijfers noemt als de laatste interpellant deed, die sprak van 26,000 man, terwijl er slechts 13,000, dus juist de helft, met die twee lichtingen zijn opgeroepen. De toestand is op het oogenblik deze, dat wij in Amsterdam en Den Haag, nu wij buitengewone maatregelen hebben moeten nemen, juist over 5000 man beschikken, en dus pas de helft hebben van het aantal militairen, dat in Brussel en Antwerpen in normale tijden van rust en stille orde onder de wapens is. Ik meen daarmede elke verdenking van de Regeering te hebben afgeworpen, alsof het het streven was, dit onder de wapenen roepen van eene militaire macht te doen strekken tot militair vertoon. Bovendien is zijn

gegaan,

een bewijs, dat de Regeering metterdaad er niet opgesteld was, noodeloos militair vertoon te maken, wel hierin gelegen, dat, toen de klein-verlofgangers van de lichting 1902 op 30 Januari waren opgeroepen, na de

van de staking op Zaterdagavond, reeds Zondagmorgen in de oproeping van de klein-verlofgangers, die eerst na drie dagen konden opkomen, onverwijld is afgecommandeerd. Wanneer men nu vraagt, wat de reden is geweest, waarom de Regeering geen oogenblik heeft geaarzeld, eenige dagen later onbeëindiging

een

extra

Ministerraad

weer klein-verlofgangers, maar bovendien twee lichtingen op te roepen, dan moet men niet wijzen opy den toestand, zooals hij zich daarna ontwikkeld heeft, maar zich indenken in hetgeen gebeurd zou zijn als de Regeering het eens niet gedaan had. middellijk

En dan

door

verklaar

te tasten,

ik,

en

niet alleen

met de wetenschap van de

détails, die wij bezitten^

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 347

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's