Parlementaire redevoeringen - pagina 73
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
DE ZONDAGSQUAESTIE. Hij heeft met
hangen.
zijn blijven
71
name gewezen op de
de
school- en
Zondagsquaestie.
Wat de
schoolquaestie betreft, zal het den geachten afgevaardigde nog
nader duidelijk geworden
wat het Kabinet onder vrijmaking verprofessor Krabbe. En wanneer hij er op
zijn,
door het citaat van de woorden, gebezigd door mr. Hubrecht, voorkomen in een Gids-arükd, aan welks slot krachtig tegen tirannie wordt uitgevaren, dan dank ik hem voor die herinnering. Het bevestigt toch de waarde staat,
wijst, dat
van
het
citaat.
geklaagd
liberalen
die
Hij,
heeft,
in
dat
citaat
over de vroegere tirannie der
was dus volgens den heer Tydeman
onze geestverwant, maar een onzer scherpste bestrijders.
over
stelsel
waarvan
te
zetten,
gelijk
die
de noodzakelijkheid
ik
bestaat geen reden
om
geachte
zelf niet
Stelsel tegen-
afgevaardigde wilde,
is
iets
Het gaat nu zoo goed; er den gang van zaken verandering
niet inzie.
voorshands
in
brengen.
te
Aangaande de Zondagsquaestie
heeft de geachte afgevaardigde de vrees
Kabinet wegen zullen worden be-
uitgesproken, dat ook daarin door het
treden, die niet de zijne zijn. Mijnheer de Voorzitter! Als wij het voor-
nemen niet hadden, soms andere wegen te betreden dan die, welke de heer Tydeman volgen wil, waarvoor zouden wij dan hier zitten? Het spreekt vanzelf, dat het juist onze bedoeling is, andere wegen te betreden, gelijk omgekeerd de leden van de overzijde, wanneer zij aan het bewind zijn, wegen betreden, die niet de onze zijn maar ik wil den ;
Hij was Synode van Dordt toch eene daarom er op mogen wijzen, dat
geachten afgevaardigde toch eene kleine geruststelling geven. bevreesd,
dat
't
de
was. Laat mij
na de synode van Dordt, op eene latere synode gesproken en
werd over „eenige
geoordeeld in
verwijzing naar de
verwijzing
gevaarlijke vijf jaar
die
particuliere
vreemde opiniën
incruypen ende gestroeyt worden,
landt
tot
(die)
vast
de ontrustinghe van
der vroome luyden ende verkeerde verstrickinghe van En nu wordt als een van die booze opiniën, die ingekropen het volk, genoemd: „Dat het onderhoudt des Sabbaths niet
conscientie
deselve".
waren
in
toe en laet eenige verlustinghe ende eerlycke vermaeckinge streckende tot
verquickinghe van den geest ofte lichaam des menschen oock niet tegent eenigh gebodt Godts ende op andere tijden wei ge-
strijdende
oorlofty
De
volstrekt
niet
heeren zien daaruit, dat hetgeen heeft
in die
dagen bedoeld
is,
die strenge of straffe opvatting, die de geachte af-
gevaardigde, de heer Tydeman, daarbij onderstelde.
De dien
Rotterdam, de heer Mees, heeft bovenkennen gegeven, dat hij, wanneer het strafrecht aan de
geachte afgevaardigde
nog
te
uit
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's