Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Nabij God te zijn - pagina 350

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Nabij God te zijn - pagina 350

2 minuten leestijd

342

WIEN HEB IK NEVENS U IN DEN HEMEL?

de

niet

kan plaats hebben,

ziel

door een hindernis in

die

het lichamelijk bestaan niet naar buiten uitkomt, maar van

binnen schuilen blijft?

Wehiu, zoo

dan treedt

ooit,

bij

verreweg de meesten,

het einde nadert, deze lichamelijke hindernis

Het

in.

als

sterkst

hen die, in bezwijming, onbewust heengaan. Maar toch soms zeer sterk bij kranken, wier pols bijna geheel inzonk, en wier ademhaling nauwelijks door kon komen. En bij dezulken nu mag niemand zeggen, dat hun ziel daarom bij

ook

wegzonk en van haar God vervreemd lag. 't verborgen Almacht en Genade kunnen hier in heilige stilheid doen, wat door geen menschenoog of menschenoor meer bespeurd kan worden.

in

En

voor den kranke die

zijn

zijn

aan

uiteraard

Maar

werkte.

die

de

zieleleven

innerlijk

weigeren

de

stel,

hersenen

de

hersenen

verstoorde

hing zijn

stierf, zeker,

kracht

nog

die

hersenen ontbloot

in

bewusthersenen

zijn

weigerden,

daarom

zou

En

moeten zijn?

straks

zonder

voor

goed,

haar

God kennen en haar God

de

als

ziel

verheerlijken zal.

Wat zonder

anders dat

is

voor

't

deele intreden van

Een

begin van

dan het nabij God

menschen

zijn

uitkomt,

onder

dan

't

sterven,

een reeds ten

wat na 't sterven algeheellijk zóó wordt ? dien nieuwen toestand, als onze persoon,

van ons lichaam geheel gescheiden, geheel onlichamelijk haar God

is

Maar ook afgescheiden sterven

bij

en met haar God verkeert. hiervan, heeft dat doen Gods in ons

voor ons, onderwijl

we onze

pelgrimsreize op aarde

hooge beteekenis als een memento mori; i e n h e b en dat was het, wat ook in Asafs vraag lag voortzetten, zoo

:

ik nevens

Op

U

zichzelf

in

is

W

den hemel?

dit niets in

den hemel

te

kennen dan

zijn

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's

Nabij God te zijn - pagina 350

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's