Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Nabij God te zijn - pagina 303

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Nabij God te zijn - pagina 303

2 minuten leestijd

295

OCH, DAT GIJ DE HEMELEN SCHEURDET.

Maar

Het was

nemen. uit

kon

duren

dit

moest

een

einde

heilige pauze in zijn verheerlijking,

een

maar

aanvaard,

liefde

Het

niet.

die

op het kortst moest saam-

getrokken.

Het kon en mocht verkeer met

de

beantwoord,

vuldiger,

breking,

om

En daarom

dan weer zich terug

daarna

om

Dan had

spaarzamer,

straks

het

het niet aan de scheiding die

dan zou

gewend hebben.

moest,

verschijnen,

dagen een voortdurend niet aan zijn doel

niet zijn al die

zijnen.

bij

niets

komen

dan een nu en dan

te trekken.

Eerst veel-

en eindelijk de algeheele af-

Damaskus en op Pathmos

slechts voor

een vluchtig oogenblik zich te openbaren.

En

daar tusschen in

ligt

het finale afscheid.

De

laatste

ontmoeting op den Olijfberg, met Gethsémané aan den voet, breed daarachter Jerusalem, en achter Jerusalem Golgotha en de spelonk waaruit Hij verrees.

Zyn

laatste bevel

had Jezus hun meegedeeld. Het oogenblik te komen. En toen van den

van scheiden stond nu zóó zóó

van den Olijfberg verhief Hij zich uit hun midden, en

top voer,

en

dat ze

Hem

werden,

't

zagen, al hooger op, tot de lichtwolk

kwam

onderschepte, en engelen uit den lichtglans openbaar die

zijn

jongeren

't

laatste troostwoord toeriepen:

,Van u gegaan, maar om eens weder

te keeren.

Eens wordt

heel de wereld zijns!"

Waar

die

een mysterie. zegt

't

hemelen

We

zijn,

waarheen Jezus opvoer, blyft ons

zoeken ze daarboven, en heel de Schrift

ons, en ons eigen hart geeft er een echo op, dat de

hemelen der heerlijkheid zich boven ons welven.

Het is ons een ingeschapen zielsbehoefte, den troon onzes Gods niet om en bij ons, noch beneden ons, maar daarboven De hemelen zijn Gods troon en de aarde is de te zoeken. voetbank zijner voeten. Naar die hemelen zien we op, waarvan ons 't licht komt, waar Gods starren flonkeren in

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's

Nabij God te zijn - pagina 303

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's