Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 360

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 360

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

3 minuten leestijd

ZITTING 1902—1903.

358

zij die vakvereenigingen niet opbouwen, maar de opkomst ervan belemmeren. Alleen zij, die zich daartegen verzetten, die toonen, dat zij de ontwikkeling en de evolutie in het arbeidsleven verlangen,

zoolang zullen

zullen door vakorganisatie die gewichtige belangen bevorderen.

Een en ander dwingt vraag het

in

mij, Mijnheer de Voorzitter, ten slotte de wat de ernstige keus is, waarvoor wij staan. Er is eene Overheid. Die Overheid regeert niet absoluut,

stellen,

te

land

maar regeert

constitutioneel in overeenstemming met de historisch verkregen rechten en vrijheden van ons volk. Veilig mag gezegd, dat er weinig landen zijn, waar de rechten van het constitutioneele leven zoo stipt

en streng geëerbiedigd worden

die gedachte, dat er eene

als

Overheid is?

in

ons land.

Dit, dat er

Wat

ligt

nu

in

door die Overheid

weg eene wet gesteld wordt en dat elk goed Nederland zich, als er eene wet tot stand komt, daaraan heeft te onderwerpen. Daartegenover stelt zich nu echter eene macht in den Staat,

langs

burger

constitutioneelen in

eene macht, die absoluut regeert en waarbij elke constitutioneele waar-

borg ontbreekt, eene

die, gelijk nog onlangs werd aangeduid, op eene locomotief staat, slechts even aan draaien om de geheele machine te doen stilstaan,

macht,

evenals een machinist,

een schroef heeft

te

die

maar een smal briefje af te geven heeft, om de geheele O verheidsmachine te doen stilstaan. Door die macht is de Overheid bedreigd. Er werd toch gezegd tot de Regeering: wanneer gij bij uw wettelijke maatregelen niet doet wat wij u zeggen of wanneer gij iets durft te doen wat wij niet dulden of toestaan, dan zullen wij tegenover u met

alleen

geweld optreden. Vanzelf

rijst

hier

de vraag, of de Overheid,

in wettigen, constitutio-

neelen vorm optredende, het hoofd zal moeten buigen, zal moeten zwichten, moeten bukken voor eene bedreiging van die geheime macht, ofwel, dat die geheime macht zal moeten bukken en zwichten voor de wettig tot stand gekomen wet, voor de Overheid. Eene vraag, die thans hierop neerkomt, of de Overheid in dit opzicht al dan niet onderworpen zal worden aan de heeren van het Comité van Verweer. Doet zij dat, dan is er geen Regeering meer. Een ieder in ons land, die de hoogheid van het gezag dat wil zeggen de hoogheid van de wet, op wettige wijze tot stand gekomen wil eerbiedigen, moet krachtens dien wil aan de zijde van

:

de Regeering staan. Het optreden van eene macht in het land, die aan de Overheid de wet zou willen stellen, is het neerwerpen van den Staat, het omverwerpen, het prijsgeven van de Overheid. En dat dit inderdaad bedoeld wordt, blijkt uit hetgeen de achte afgevaardigde zoo straks erkende, zelf geschreven

te

hebben. Door den heer Troelstra

is

gezegd,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 360

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's