Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 129
Eerste deel. Inleidend deel.
Afd.
het
dat
karakter,
Hfdst. III. § 59. RESUMTIE.
2.
Christelijk
denken draagt
12
1
der
in het tijdperk
groote Conciliën
en der groote Kerkvaders, en gelijk het, voor
wat de eigenlijke
studie aangaat,
meer bepaaldelijk aan Augustinus
signatuur ontleende. Geestelijken moesten gevormd, de ketterij
zijn
aan de heidensche philosophie moest het
moest teruggedreven,
zwijgen opgelegd, en voorts moesten de mysteriën van de Christereligie
lijke
doorgedacht,
strekking begrepen; dienst
in al
kon bewijzen, werd
deerd.
Feitelijk
verband gezet en
wat
als
theologischen
het geheel
in
hun
sociale
de classieke studiën hierbij
hulpmiddel aangewend en gewaaral
het overige
maakte, óf ignoreerde, maar een Theologie
arbeid
verrichtte, zonder te
en zonder een zweem van
deed,
uit
dus werd het een Theologie, die
óf aan zich cijnsbaar die
en
besef, dat
weten dat ze
de Theologie zich
dit
in
der wetenschappen, als zelfstandige wetenschap, een
eigen plaats te veroveren heeft. Dit gemis aan wetenschappelijk besef wreekte
zich,
zoodra de nawerking der classieke ontwik-
keling had uitgebloeid, en de overwinning, op het Manicheïsme
en
de heresie
gischen
strijd
in
eigen boezem behaald, niet langer tot theolo-
dwong.
formeele propaedeuse zin verflauwen,
en
Sedert
al
alle
dien
ziet
tijd
men dan ook de
meer inkrimpen, den wetenschappelijken
theologische studie in practische africhting
ondergaan.
Er stond geen vijand meer voor de poorte, de scheppende dogmatische kracht was uitgeput, de ondergang der Oostersche kerken sneed de Westersche wereld van de classieke ontwikkeling af, de Germaansche en Gallische wereld, die welhaast aan het Christendom haar hechtsten steun zouden bieden, waren nog eerste
opkomen; en zoo kon het
van het
intellectueele
maar
te
haar
leven moest dalen.
Men
sloot zich in zijn
wereld
armer werd. Uit deze lauwheid schrikte op, toen de heidensche philosophie op het onverwachtst haar graf te voorschijn kwam, en het bekend worden
van jaar
men
eerst
weer
uit
van de
in
anders, of de standaard
op en voelde zich daarin rijk, zonder ook vermoeden, hoe men, door op dit eens verworven kapitaal
theologische
te teren,
niet
tot jaar
werken van Plato en Aristoteles opeens een geheel
nieuwe wereld van gedachten
ontsloot.
De meerdere
denkkracht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's