Parlementaire redevoeringen - pagina 230
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING 1902—1903.
228
te geven, dat met bekwamen spoed worden voldaan. In de tweede plaats is gevraagd, welke de meening van het Kabinet was ten opzichte van de
hem de
en
schaffen,
verzekering
aan zijn verlangen ten deze zal
Ook
regeling der rechtspositie van ambtenaren in het algemeen.
punt
betreft,
kan
ik
de meest geruststellende verzekering geven,
voorshands de Regeering
kan
niet
wat
al is het,
dit
dat
beweren, dat de regeling
loslaten haar
van de administratieve rechtspraak van te veel invloed op die gewenschte regeling zal zijn, dan dat het goed zou kunnen worden geacht, deze zaak afzonderlijk en vooraf te regelen. Van het denkbeeld, van twee zijden
eene
wel
brachten,
van
om
geopperd,
Staatscommissie,
Justitie in
De
geachte
willen
deze belangrijke materie de
zullen
geachte
handen
in
sprekers,
gelooven, dat het ook reeds
die
bij
het
te
geven van
het
te
berde
Departement
overweging was. afgevaardigde,
dr.
Nolens,
heeft een
woord gesproken
over den toestand, waarin de mijnarbeiders in Nederland zullen komen te verkeeren, nu men van Rijkswege tot mijnexploitatie zal overgaan.
Hetgeen desaangaande door hem als gewenscht werd uitgesproken, klopt op datgene, wat de Regeering voornemens is, te dien opzichte voor te stellen. Het ligt metterdaad in de bedoeling van het Kabinet om, waar de mijnarbeiders eene geheel afzonderlijke klasse vormen, die met de gewone veiligheidsmaatregelen niet genoegzaam beschermd zijn, geheel
voor deze arbeiders eene afzonderlijke regeling in het leven te roepen. De geachte afgevaardigde, dr. Schokking, heeft, wat de quaestie van de Zondagswet betreft, twee opmerkingen gemaakt. De eerste was, dat
hetgeen
desaangaande
hem scheen wat
de
in
Memorie van Antwoord voorkwam,
vermoeden, dat opgekomen, dat hij niet genoeg bij het lezen zijn aandacht gevestigd heeft op de woorden: „en wat daaruit voortvloeit." Er staat namelijk in de Memorie van Antwoord: „alleen de keuze van den dag en hetgeen daaruit voortvloeit".
die opinie
Welnu
bij
al
tijd
weinig specifiek
te
Ik durf
zijn.
den geachten afgevaardigde daaruit
in datgene,
te zijner
te
juist
wat daaruit voortvloeit,
zal
is
de geachte afgevaardigde
gerealiseerd zien datgene, wat
hij,
naar ik veronderstel,
wenscht. Zijn tweede vraag was moeilijker van aard, de vraag namelijk,
hoe het nu op het oogenblik
met de handhaving van de bestaande kan daarop uiteraard niet anders geantwoord worden dan dat, zoolang die wet van kracht is, degene, wien zij aangaat, die wet niet eenvoudig op zij kan zetten. Maar ik moet den geachten afgevaardigde toch doen opmerken, dat men, ook al wordt die wet in practijk gebracht, daarmede zeer weinig vordert. De begrippen, in die wet voorkomende, zijn zeer vaag en onbepaald de uitdrukkingen, Zondagswet.
Van deze
staat
plaats
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's