Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 520

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 520

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

ZITTING 1903

518

— 1904.

Niet alsof bijzondere overwegingen daarbij niet; vaak tot verwaarloozing van deze overeenstemming konden noodzaken, maar toch mag ook hier de uitzondering niet den regel verdringen. Ten opzichte van de schoolopzieners was het verklaarbaar, dat vóór 1890 de schoolinspectie uitsluitend uit de voorstanders van het openbaar

onderwijs werd genomen.

Tot op dat jaar gold het bijzonder onderwijs

eenigszins als zelfs bedenkelijke particuliere liefhebberij. echter

meer.

niet

Voor zooveel

Sinds dat jaar

het Rijk aangaat, zijn toen openbaar

op ééne lijn gesteld als saam vormende wijziging te bevorderen had; deze het nog onderwijs lager het van de wet op herziening de jongste is door de voor zelf ook Hiermede verviel van bevestigd en uitgebreid.

en bijzonder onderwijs volksonderwijs,

in beginsel

dat

het

Rijk

beperkende overweging, en scheen het gewenscht, de inspectie de nieuwe wettelijk vastgelegde gedragslijn tot haar Dat daarbij het oog het eerst viel op de meest te doen komen.

inspectie de vroeger

ook

bij

recht

candidaten, sprak evenzeer van

bekwame

zelf, als

dat de meest

bekwame

bijzondere onderwijzers in den strijd voor de vrijmaking van het onderSlechts dan zou hierop aanmerking te wijs vooraan hadden gestaan.

maken

zoo bleek, dat de

zijn,

uit

deze categorie benoemden hun inspec-

van het openbare en ten faveure van het bijzonder onderwijs uitoefenden. Bleek dit, het zou evenmin worden geduld, als de bevoorrechting van het openbaar en het achterstellen van het bijzonder onderwijs zou te gedoogen zijn in opzieners van andere

toriale

functie partijdig ten koste

herkomst.

benoemingen bij de Rijksverzekeringsbank liepen in ambtenaren van ondergeschikte positie. Dat bij deze enkele kan zijn ingeslopen, die van achteren min een benoemingen gelukkig bleek, is te vermoeden; dit komt bij alle benoemingen voor, en er is geen reden om aan te nemen, dat dit hier anders zou zijn. Rekent men echter met het feit, dat er ook onder de directeuren waren,,

De

talrijke

hoofdzaak

over

die geheel

vreemd voor hun nieuwe taak stonden, en

omvangrijke

arbeid

dat toch de zeer

gelukkig voortschreed, dan toont de uitkomst wel,

keuzen over het algemeen niet teleurstelden. Dat bij deze keuzen partijdig zou zijn te werk gegaan, zou dan eerst zijn waargemaakt, zoo werd aangetoond, dat candidaten, omdat ze links stonden, waren voorbijgegaan. De averechtsche verwijzing naar het in 1900

dat

de

gedane

het Kamerlid Kuyper in zake benoemingen geklaagde, is in het Voorloopig Verslag reeds met juistheid teruggewezen. Dat niet-ingezetenen meer dan ingezetenen voor het ambt van burgemeester zijn voorgedrag^en, vindt zijn oorzaak in de steeds toe-

door

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 520

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's