Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 54

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 54

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

,

ZITTING 1901

52

— 1902.

van den heer Drucker de vraag den Minister van Financiën min of meer heeft geridiculiseerd, of althans zoo gesproken, dat zijn rede een lach wekte, waarvan de tol werd betaald door den Minister van Financiën? wil

toch

ik

aan

onderwerpen, of

beter

oordeel

hiermede

niet

het

hij

Als hij zich de zaak indenkt, zal hij zelf gevoelen, dat hij, ter wille van de onderteekening van de Memorie door den Minister van Finaneen normaal feit, dat bij alle Kabinetten is voorgekomen ciën,

zich

niet

had mogen

veroorloven, den Minister van Financiën in een

min aangenaam licht te plaatsen. Eéne zaak wil ik mededeelen en die kan den heer Drucker tot openbaring en zelfkennis strekken: De bewuste passage was niet van den Minister van Financiën. Ik had haar gesteld en ik zal ook tegenover den geachten afgevaardigde uit Rotterdam de verdediging ervan op mij nemen. In het Voorloopig Verslag wordt op bladz. 6 gelezen: „Beperking der concurrentie met het buitenland zal immers alleen verkregen kunnen worden door vermindering van invoer en hiervan zal vermindering van de opbrengst der rechten het noodzakelijke gevolg zijn." Op die zinsnede en op geen andere werd in de Memorie van Antwoord geantwoord. Wat was de bewering in het Voorloopig Verslag? Deze: wanneer gij een recht wilt nemen, dat strekken zal, om onze eigen industrie meer werk te geven, treft het alleen doel, als het den invoer belet of vermindert wanneer gij daarentegen bedoelt, geld uit uw tarief te slaan, dan helpt het niet, want als gij het recht verhoogt, vermindert de invoer en brengt het recht juist minder op. Het ging dus om de vraag, of daar, waar invoerrecht op in het land geproduceerde goederen geheven wordt, de invoer vermindert en de uitvoer afneemt, ja dan neen. Daarop werd in de Memorie van Antwoord gezegd Duitschland, ;

:

dit

is;

zal

men toestemmen,

dat

heeft

daar

een recht, dat ongetwijfeld protectionistisch

reeks

van

jaren

geheerscht.

Wat

is

nu de

de industrie gebaat? Ja, want het aantal personen, de industrie werkzaam, is geklommen met zooveel millioenen. Heeft

uitkomst geweest? in

eene

heft

Is

meerdere bate voor de schatkist afgeworpen, ja dan neen? Ja, want het bedrag aan inkomende rechten is in Duitschland gestegen. het

Is

de

toegenomen of afgenomen? De invoer is toegenomen, de uitvoer. Het resultaat was dus: meer arbeiders, meer vermeerdering van invoer, van uitvoer en van opbrengst van

invoer

evenals industrie,

rechten.

En wat heeft de geachte afgevaardigde uit Rotterdam daartegen aangevoerd? Hij heeh gezegd: ik laat de periode tusschen '92— '94, toen de tariefoorlog tusschen Rusland en Duitschland is uitgebroken,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 54

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's