Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 546

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 546

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

538

men

Hfst. III. §

2.

ontkennen,

niet

CONCLUSIE.

146.

dat ze uit het beginsel zelf voortvloeien.

om

Doet toch de Schrift alleen

dienst,

voor mij, in mystieken

het essentieel Christelijke

uw

het vooreerst van vraagt, en

het

weg

Dat

dan hangt

leur,

Ie

Schrift

immers

Op

voor u vaststaan.

was eenmaal de

object

het de Christelijke religie,

is

is,

de Theologie haar oorspronkelijk object ten

is

heel kwijtgeraakt.

thans

de Schrift u geheel te

mystieken

langs

essentieele

wijze nu

al stelde

wat

historisch te verklaren,

ge weinig of veel aan de

dosis af, of

ook

blijft,

zin,

die

leste ge-

cognitio Deirevelata;

fait chrêtien, en ten slotte

de mystieke essenz van het Christendom geworden.

Te beweren, dat de Encyclopaedie der Theologie slagen

bouw

haar

zal,

aan

taan

critiek

alle

gelijk staan

met

in zulk een

te construeeren, dat voor-

stijl

zwijgen

het

er ooit in

worden opgelegd, zou

kan

een voorbijzien van de onverzoenlijke tegenstel-

het Zijn en het Worden, waarop ook zij gedurig Het absolute en het historische moge men speculatief pogen identifieeren, maar hiermee is de tegenstrijdigheid nog niet

ling

tusschen

stuit.

te

opgeheven,

die

het ideaal-blijvende

zich ontwikkelende

(o qiï)

onderscheidt.

{z<>

fiévov)

Deze

van het

tegenstelling, die recht-

streeks uit de tegenstelling tusschen het absolute in relatieve in alle creatuur voortvloeit, en door het

op

zij

in proces

God en

het

Pantheïsme wel

geschoven, maar niet opgelost wordt, keert nu ook in de

Theologie, zoowel voor wat haar centrum als haar peripherie aangaat,

terug.

Wat

het geloof grijpen wil,

openbaart

absolute

zich

nooit anders

ontwikkelende openbaring. historisch

petrefact;

dan

te

maar ook, verwaarloost ze op gericht

doen komen,

en

beide voordoen; ook nistische

constructie

Hierbij echter

is

een zich historisch

zoo verloopt ze in het abstracte en

element,

altoos

in

Veronachtzaamt nu de Theologie dit absolute,

haar heur object en vervluchtigt ze zich.

daarom

het absolute, en dit

is

zijn,

om

dit

wordt

dan ontglipt

Haar streven moet er hun recht

beide elementen tot

dat wel in die verhouding, waarin ze zich al blijkt

dan ten

slotte,

dat een zuiver mo-

het bereik van ons denken te boven gaat.

het gebiedend noodzakelijk, dat ze het geopen-

baarde waarhcidselement

als

zoodanig op den voorgrond plaatse,

en niet de altoos mislukkende poging wage,

om omgekeerd

uit

het

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 546

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's