Parlementaire redevoeringen - pagina 324
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
;
ZITTING 1902—1903.
322
geldt, het particulier initiatief
werkzaam was, zoodat
er
bij
de gemeente
op
werd aangedrongen om datgene, wat men geeft aan de effectenhandelaren, ook te geven aan de arbeiders. Mocht het blijken, dat het particulier handelen, dat er geen actie is, dan zeg ik niet, dat initiatief niet kan de Regeering altijd zal moeten doorgaan met te wachten totdat de behoefte aan arbeidsbeurzen algemeen is doorgedrongen, maar de Regeering mag niet medewerken, om aan het particulier initiatief op dit gebied den pas af te snijden en te maken, dat het de kans niet heeft om op te treden en te handelen.
De de
geachte afgevaardigde, de heer Hugenholtz, heeft de quaestie van
winkelsluiting
ter
sprake
gebracht.
Hij heeft daarbij denkbeelden
aan de hand gedaan, die tamelijk wel in elkander sloten en zij gerealiseerd werden, metterdaad gewenschte toestanden
zouden roepen. Dit kant
lijden
zijn
alles wil ik
maatregelen
die,
wanneer
in het levert
gaarne toegeven, maar aan den anderen
aan
zekere
eenzijdigheid,
waardoor
niet
ieders belang even goed zal bevredigd en beschermd worden. De vraag, of Hierbij komen toch ernstige vragen in overweging.
eene
gemeentelijke
drijven
sluiten,
te
regeering het recht heeft, op een zeker uur de beraakt toch een diepgaand staatsrechtelijk vraagstuk.
niet omspringen en zeggen: zet het maar Gemeentewet, want als het daarin staat, is het recht. Dit kan misschien, wanneer men het standpunt inneemt van degenen, die meenen, dat men als recht kan vaststellen wat men zelf verkiest, maar dat kan nimmer het standpunt zijn van degenen, die meenen, dat ook afgeleide regelen altijd afhankelijk zijn van algemeene rechtsregelen en die algemeene rechtsregelen van vaststaande rechtsbegrippen. De vraag, of de gemeenteraad in het bedrijf mag ingrijpen, wordt volstrekt niet uitgemaakt door een nieuw artikel te gaan schrijven in de Gemeentewet. Intusschen zal ik over deze quaestie, die bij het ontwerp-Arbeidswet aan de orde zal komen, op dit oogenblik niet meer breed uitweiden. Ik geloof, dat het tot niets zou dienen, nu diep op de zaak in te gaan; later komt zij geheel aan de orde en eerst dan kan zij in de stukken en daarna bij de mondelinge beraadslaging behoorlijk behandeld
Men kan
in
hiermede zoo maar
de
worden. is door den heer Passtoors gevraagd, hoe het staat met de van de Kamers van Arbeid. Die zaak is dood eenvoudig. De Kamers van Arbeid laboreeren aan slapte van bloed en van spieren zij hebben geen geld en geen macht. Geef aan die Kamers èn eene ruime beurs èn het enquête-recht, dan zullen zij alles hebben wat zij verlangen. Met palliatieven is men hier niet geholpen, en wanneer men dieper op
Eindelijk
zaak
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's