Parlementaire redevoeringen - pagina 154
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING 1901
152 zich
Kamer
deze
in
ook
dat
leidt,
ten
— 1902.
allengs eene richting zal openbaren, die daarheen
behoeve
van
de
binnenschipperij
van
ontheffing
deze lasten zal worden verkregen,
kan ik op die quaestie op dit oogenblik niet ingaan en dat te minder, omdat aan mijn Departement in bewerking is een ontwerp van wet om uitvoering te geven aan art. 136, tweede lid, van de Grondwet. Bij dit ontwerp zullen de grondslagen, waarnaar het aan Intusschen
geoorloofd
provinciën
de
komen, en
sprake
ingrijpende
diep
het
zal
quaestie,
haar heffingen
zijn,
doen, vanzelf ter
te
den aard van de zaak, dat dan ook de rakende de retributiën, op een niet gering
ligt
in
Op
deel van het debat beslag zal leggen.
oogenblik leven wij echter
dit
nog onder den regel van de retributiën. Maar ook houde de geachte opponent mij de opmerking ten goede, dat, zoolang men het heffen van retributiën mainteneert, het de vraag niet is, of een schip, dat naar de vroegere meting een geringer getal kubieke meters had, door meting naar de nieuwe meetwijze al dan niet een hooger cijfer krijgt. Immers heeft men bij eene retributie alleen de vraag te stellen, of de gezamenbij
gedekt worden door de opbrengst van de heffing.
kosten
lijke
en dan komt
retributie het uitgangspunt,
alle
vraag
naar
datgene,
hij
moet bijdragen.
wat voor den belanghebbende de winst aanbrengt,
de toevallige grootte of lengte van het schip, maar het getal hij
in
het
schip vervoeren kan, het laadvermogen.
zijn
geval
voor,
is
wat, in casu voor den schipper, den productieven
datgene
factor uitmaakt, wijl dit de proportie aanwijst, waarin
En
Dit
de tweede plaats de
in
onder
dat
het
vroegere
stelsel
Deed
niet
is
kilo's,
dat
zich dus al
door eenige schepen
werd dan nu wordt gevorderd, dan zou daaruit alleen hun eigenaren vroeger een door niets te rechtvaardigen voordeel hadden genoten ten koste van hun medeschippers. Immers, wanneer de heffing moet zijn het quotiënt van de gezamenlijke kosten^ gedeeld door het aantal tonnen, dat op eene plaats binnenkomt of uit-
minder
betaald
blijken,
dat
gaat,
dan
spreekt
mindering
moeten dat
der
betalen;
metterdaad
het
heffing
want de
vanzelf,
geven,
uit
dan
zekere zal
is
de
er toch
ander
daarvoor meer heeft
gekomen.
Bleek nu
later,
opbrengst van deze heffing naar de nieuwe meting
naar mijn overtuiging mij
genoten,
heeft
het totaal
meer opleverde dan noodig het
indien de één eene tijdelijke ver-
dat,
billijk,
is
om
de kosten
te
dekken, dan
dat het tarief verlaagd wordt, en
gegevens
blijkt,
het ook wanneer
is
en er wordt geen gevolg aan ge-
het aan mij niet liggen, of er zal eene poping gedaan
worden om de Staten daartoe te bewegen. Maar de geachte afgevaardigde uit Meppel zal kunnen begrijpen, dat, wanneer men bezig is met
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's