Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 93
Eerste deel. Inleidend deel.
Afd.
HUGO VAN
Hfst. III. § 48.
2.
VICTOR.
Sr.
8'
Dit stuit daarom den voortgang der kennis niet; alleen de ratio wordt dan afgespannen, en de hoogere vorm van
liggen.
maar
ons kenvermogen, die der contemplatio, zet den tocht voort. Er is in den mensch vooreerst een „oculus, quo extra se mundum videret et ea quae in
mundo
zintuigen), daarna „alium
erant, et hic erat oculus carnis" (de
oculum acceperat (anima), quo seipsam
videret et ea quae in ipsa erant
:
et hic est oculus rationis".
Maar
kwam er nog bij een derde: „alium rursus oculum, quo intra Deum videret et ea quae in Deo erant, et hic est oculus cou-
dan se
templationis"
(De
CLXXVI
329).
Sacramentis
lib.
I.
Slechts verzuimt
c.
2,
Mign. Patrol. Tom.
den samenhang en het organisch verband tusschen dit tweede en derde oog toe te lichten, en laat beide los naast elkaar staan. p.
hij
Meer nog dan Hrabanus
is Victor systematisch van aanleg. de onzekerheid, die nog steeds over zijn geboorteplaats heerscht, een vertegenwoordiger van den Gallischen geest.
ook
Hij
is,
Dit
komt het sterkst uit in zijn encyclopaedisch hoofdwerk, zijn VII Eruditionis didascalicae, waarin ons meer dan een hode-
bij
Libri
getiek wordt geboden, en dat feitelijk den toeleg verraadt, het terrein onzer menschelijke kennis zelf te onderzoeken en er zich op te oriënteeren. Dit blijkt al aanstonds uit het beloop van dit
zin
werk. Victor gaat toch uit van de scientia in haar algemeensten en haar samenhang met de anima, en deinst niet terug voor
de bedenkelijke conclusie, dat eigenlijk sophie behoort, die „Philosophia
est
hij
(lib.
c.
I.
5,
ib.
alle scientia tot
p.
de philo-
745) aldus definieert:
omnium rerum humanarum atque Dit leidt hem tot de be-
disciplina
divinarum rationes plene investigans".
kende indeeling der
scientiae in vier categorieën
:
Jhcorica, quae
in speculatione veritatis XdhoxTat', practica,
considerat; logica, (lib.
I.
drieën,
mechanica,
quae morum disciplinam quae hujus vitae actiones dispensat; et
quae recte loquendi cap.
13,
p.
w.
i.
de
t.
Hierin het
750).
et acute disputandi scientiam praestat"
Nu
thcologia, 2
splitst hij .
de theorica nogmaals
de mathematica en
3
voetspoor van Boëthius volgend, bedoelt
theoretische wetenschap óf tot het (theologie), of tot
.
in
dephj'sica. hij,
dat de
wezen der dingen doordringt den abstracten vorm zich bepaalt (mathematica),
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's