Parlementaire redevoeringen - pagina 501
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
Vereischten voor het Raadslidmaatschap. pas
geboren
omdat
de
alleen
ook het kozene
door
zijn
niet twee,
hier
kiezers
optreden
maar
pas
den gemeenteraad.
membrum
En
zulks wel
aanmerking komen.
en de gekozene hebben de zaak
college, waarin de is
in
drie partijen in
499
gekozene opgenomen completum wanneer
zal zijn
te
Niet
beslissen,
worden.
opneming
maar
De
ge-
in
den
gemeenteraad heeft plaats gehad. Daar alzoo de eisch van het ingezetenschap loopt over twee instantiën, ontstaat de vraag: hoe moet van het ingezetenschap blijken bij de eerste de tweede instantie ? Te dien aanzien geeft de wet tweeërlei
en hoe
bij
middel
aan.
Het eene middel
is
de
inlevering van stukken, en het
dat de gemeenteraad zelf heeft in te stellen. waar ligt de grens tusschen datgene, wat uit de ingeleverde stukken moet blijken, en datgene, wat door het onderzoek van den gemeenteraad zelf moet worden vastgesteld. En dan komt het mij voor, dat die grens van zelf daar is aangewezen, waar de raad voor het eerst van de zaak gesaisisseerd wordt. De raad worcjt niet gesaisisseerd door eene mededeeling van het stembureau; dat doetj wel onverwijld mededeeling aan den gekozene, maar niet aan den raad. Deze wordt het eerst officieel in de zaak gemengd als de geloofsbrief inkomt met de daarbij behoorende stukken. Daarom acht ik, dat alles, wat aan dat moment voorafgaat, moet worden gedekt door de inlevering van de stukken, en dat eerst van dat oogenblik af het eigen zelfstandig onderzoek van den raad begint. Alzoo oordeelende, heb ik gemeend, dat het goed zou zijn, dat uit art. 19 werd uitgenomen de uitdrukking „gedurende het laatste aan zijn verkiezing voorafgaande jaar", en dat daarvoor in de plaats kwam het begrip van ingezetene. Juist de dubbele tijdsbepaling in artt. 17 en 19 heeft tot allerlei verwarring aanleiding gegeven, terwijl de wetgever in art. 17 toch niets anders kan bedoeld hebben, dan het begrip van
tweede Rest
onderzoek,
het
dus de
ingezetene
vraag:
door tijdsbepaling
uit
te
drukken.
Valt die er uit en
komt
voor in de plaats, dan wijst art. 19 aan, in welken zin dat woord ingezetene moet worden verstaan. Van dit ingezetenschap zal nu moeten blijken op het oogenblik zelf, waarop het hoofdstembureau vastgesteld heeft den uitslag van de verkiezing. Er het
begrip
ingezetene
er
gezegd worden van zijn verkiezing, omdat er dikwijls verkiezingen plaats hebben, waarbij meerdere leden te gelijk gekozen worden. De uitdrukking is daarom gekozen: „de uitslag der verkiezing
kan
werd
niet
vastgesteld". ligt dan nog open de tijd, tusschen de mededeeling benoeming en de indiening van den geloofsbrief verloopen.
In de tweede plaats
van
de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's