Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 115

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 115

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

Hfst. III.

2.

Hiermee nu

is

THOMAS VAN AQUINO.

Laat

de Theologie voor Thomas nog

al

Dogmatiek opgaan, en

zelfs

elke poging ontbreken,

om

;

door zich

met

verband

reuzenkracht op de centrale weten-

zijn

schap der Theologie te werpen,

kwam

het

licht,

dat

over de

hij

verspreidde, dan toch aan heel de Theologie ten goede.

Dogmatiek

En dan

de

in

de overige

disciplinae theologisch te onderscheiden en in organisch te zetten

107

voor de encyclopaedische opvatting der Theologie

gewonnen.

veel

§ 54.

mee gewonnen,

er reeds veel

is

dat

hij

èn de verhouding

de nu niet meer heidensch genoemde, maar als philosophisch geïntroduceerde disciplinae in het licht stelt, èn een poging waagt, om het deugdelijk recht van de Theologie op

van de Theologie

tot

den naam van wetenschap beide

om

de

getrokken,

lijnen

te

men

die

Hiermee toch

handhaven. slechts

behoeft af te loopen,

generalis der theologische Encyclopaedie

pars

de

zijn

tot ont-

wikkeling te brengen. Thomas' terugkeer naar de H. Schrift en naar de Patres ecclesiae,

een

voorgangers, Staat

toch

ornament,

eenmaal

philosophicae

en

dan

is

vast,

maar

niet,

maar van de

beroep

gelijk bij velen zijner

uitvloeisel

van

zijn

systeem.

dat de grens tusschen de disciplinae

de Theologie daarin

eerste door de rede,

geleverd,

dan ook

is

op

ligt,

laatste

H.

de

dat de principia der

door de revelatio worden

Schrift hier

onafwendbare

noodzakelijkheid; terwijl zijn beroep op de Patres, en met

op Augustinus. steeds H.

onderstelt,

dat Augustinus den zin der

Schrift het zuiverst weergeeft. Zelfs dat

Thomas

quaestiën bijna altoos van Aristoteles uitgaat, verwijt strekken.

name

in

de formeele

kan hem

niet tot

Hierin toch spreekt zich slechts het besef

dat over het karakter der wetenschap

in

formeelen zin niet

uit.

uit

de

kan geargumenteerd worden, die zich immers niet tot taak stelt, ons desaan gaande openbaring te geven, maar moet geargumenteerd uit de ratio; iets, wat ook nu nog elk gezond theoloog toestemt. En werpt men tegen, dat toch ook hierbij de ratio op doolpaden kan voeren, en de H. Schrift ons desaan gaande

H.

Schrift

aanwijzingen biedt, waarop acht dat

Thomas ook

deze tot

zijn

is

te geven,

dan

zij

opgemerkt,

nooit verzuimt het correctief der H. Schrift ten

recht te

doen komen.

Scholastiek, gelijk haar rijke vrucht in

Wel

verre van dus op de Thomas' Summa voor ons

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 115

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's