Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 96
Eerste deel. Inleidend deel.
Afd.
88
Theologie
Theologie
boren
;
voor Victor's bewustzijn
eigen complex van
als
en
Ook
niet nagedacht.
is
JOHANNES DAMASCENUS.
Hfst. III. § 49.
2.
daar
wetenschappen nog
niet ge-
om
de artes
toch te veel Kerkvader was,
hij
liberales als een vrucht der heidensche
beschikt
den,
ontwikkeling te aanvaar-
eenvoudig over de profane studiën,
hij
de
is
als
ware
het overbodig naar hun etiket van oorsprong te vragen, en poogt
met zijn eigen voegen, maar zonder het
ze alsnu wel te
Schriftstudie tot één geheel besef,
saam
dat zijn eigen theologische
schema een plaats vindt. Opmerkelijk is het, dat de definitie, die hij van de Theologie geeft, dan ook geheel van de Schrift zwijgt: „Theologia est, quando
arbeid
voor een
slechts
parte
in
(Erud. didasc.
profundissima qualitate disserimus"
II.
lib.
zijn tijd vooruit, staat Victor als
c 3» P- 75 2 )- Als methodoloog theologisch encyclopaedist zelfs «
Hrabanus verre ten
bij
achter.
Johannes Da)nasce?ius.
49.
ii
dit
naturam Dei aut speciales creaturas ex aliqua
ineffabilem
aut
deel
Hugo van Damascenus
Victor noopt tot een teruggaan op
St. (f
vóór 754),
in
wiens
lijn
hij ligt,
Johannes
en die blijkbaar
niet alleen Hugo, maar geheel de periode der Scholastiek beheerscht. Zijn Iltjy^ ypóanag steekt reeds daardoor boven andere
gelijksoortige
werken
uit,
dat ze geen hodegetiek noch proeve
maar een systeem van hoogere wetenschap. Johannes van Damascus is dan ook niet begrepen door hen, die zijn werk een dogmatiek noemden. Want wel levert hij in aansluiting aan Nemesius, Gregorius van Xyssa en Theodoretus dogmatische studiën van echt kaliber, maar zijn doel strekt van methodologie
verder.
toch
biedt,
Reeds de indeeling van Tlrt ) •/, yvtóaecog
zijn
volgens behandelt de
hoofdwerk toont
zijn
in drie
deelen
de
dialectiek,
in,
waarin
heresie'cn,
dit.
hij
Hij deelt
achtereen-
en de dogmatiek;
en vat deze drie als één organisch geheel saam. Dit had te minder uit
het oog
zijn eerste
ed.
doel
Par. is
soortige
mogen
verloren
boek de vraag 1712,
over
t.
I
p.
9),
zijn,
xiq ó anoitóg
en
de philosophie
wetenschap
daar Johannes zelf
te
van
beantwoordt (Opera Omnia
desaan gaande
(t«;toiI< r/r
in cap. 2
verklaart:
„Mijn
handelen, en dusdoende de ;
rum ir)
in
dit
boek saam
al-
te
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's