Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 266

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 266

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

258

gevoel

nullamque dari

niet

sensu

a

veram earum ideam,

est,

veram rerum

procedere

ad intellectum,

non

spiritualis fuerit

ubi

De onwedergeborenen kunnen

(p. 5).

hebben,

nis

SPENER.

„Hinc videre

komt.

cognitionem

Theologicarum

oculus"

Hfst. III. § 85.

verstand

het

in

2.

een historische ken-

geen cognitio experimentalis; ze zien een portret, zijn theologanten, geen theologen

den levenden persoon. Ze

(p. 6, 7).

Geldt

dit

nu voor het

in zich

opnemen van de ware ken-

het geldt evenzoo voor het prediken en doceeren er van.

nisse,

mensch met

Geestelijke dingen kan alleen de geestelijke

woorden uitspreken

lijke

(p.

bestaat

Feitelijk

9).

geeste-

dan ook

er

tusschen den „geloovige" en den „theoloog" geen ander verschil,

dan

dat

de habitus theologicus wel

quo

in

den theoloog

et

defendere fidum sermonem"

in casula,

„cxcrcitatior,

de theoloog

in

beiden

zijn

moet, maar

possit demonstrare et explicare

De gewone

(p. 9).

„sibi exstruere allorabat

geloovige woont

majus aedificium"

Ook voor den theoloog echter moet het fundament van dit gebouw zijn, niet de H. Schrift, maar de- /liravoioc èmb vtxQ&v %Qymv. Wie hier niet toe kwam, is nog ipvxatóg en alzoo onbekwaam, om Daarom is de iets van geestelijke dingen te verstaan (p. 1). (p. 10).

1

deze door

voor den theoloog hoofdzaak,

Sp. Sancti

illuminatio

lectio, oratio et

en

moet

meditatio gezocht. „Haec schola, haec

academia verae Theologiae

est" (p. 15). Bij deze geestelijke studie

komt dan wel de wetenschappelijke studie bij, maar deze „sapientia humana cum vocetur ancilla Theologiae, Dominam sequatur pedissequa necesse

est" (p. 15).

deze moet ingedeeld Polemica, studia

prudentiae

cum

in

Wat nu deze studie

engeren zin aangaat,

studia Biblica, studia Systematica, studia

Historica,

eloquentia.

van het Grieksch,

in

studia

Philosophiac en studia Juris-

Voor de

-

studia Biblica

is

de kennis

zoo het kan, ook van het Hebreeuwsch

en,

17).

De

lezing der classieken wordt beter vervangen door de lezing

van

pcrinagnae

Josephus,

utilitatis,

maar

Eusebius enz.

Antiquitas

sacra

raadplege

men met

zijn

niet

strikt

Geographia

noodzakelijk

en

Chronologia,

En

bij

evenals

maar commentaren

aanbevelenswaardig,

omzichtigheid.

(p.

de Hermeneutiek gel-

den ook voor de H. Schrift de gewone hermeneutische regels,

maar

„in spiritualibus sensus,

per habitum

in

hoc

campo ex er-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 266

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's