Parlementaire redevoeringen - pagina 508
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING 1903—1904
506
Algemeene Beschouwingen over de Staatsbegrooting voor 1904: De Christelijke beginselen blijven schuil — Het Kabinet noch vast, noch voort= Ongevk'enschte reactie Partijdigheid bij benoemingen — varend De oppositie van den heer Staalman — Een „poiitiek fortuintje" voor de Linkerzijde — Het algemeen RegeeringsbeJeid — Wie schrijft de Memorie van Atitvi^oord op Hoofdstuk I? Het Cement der Coalitie houdt — Het werkplan der Regeering — De bezwaren, aan het invaliditeits- en ouderdomspensioen verbonden De werkzaamheid van het
—
—
—
—
—
Art. 109 der Militiewet — De StakingsKabinet — Beursspeculaties troebelen is het Kabinet reactionair? — De Christelijke ethiek Volkssouvereiniteit De S„ D. A. P. is niet de Arbeiderspartij Liberaïen en Sociaal-democraten van één Calvinisten zonder Qod familie — Qod wordt uit het Staatsrecht geëcarteerd.
—
— —
—
—
UIT DE
Vier grieven worden
1.
§
berde gebracht.
te
het
is
MEMORIE VAN ANTWOORD.
noch
wenschte
vast,
reactie
de krachtige
;
de eerste paragraaf tegen het Kabinet
deze grieven, blijkens het Voorloopig
tegenspraak tegen
Verslag, in de afdeelingen
dank;
in
Het Kabinet houdt de Christelijke beginselen schuil; noch vaart het voort; het viert den teugel aan ongeen het gaat bij benoemingen partijdig te werk. Voor zelve
gevoerd,
betuigt
de Regeering haren
voegt er zelve het volgende aan toe.
zij
Ad lam. In hoeverre P. de aangekondigde herziening van de wet op het lager onderwijs voorstanders van het L/^/zf^-rapport zal voldoen, 2\ het toegezegde ontwerp ter vervanging van de Zondagswet zal overeenstemmen met den van Christelijke zijde geuiten wensch, en 3\ de voordracht rakende het onderzoek naar het vaderschap den toets der Christelijke beginselen zal kunnen doorstaan, kan eerst dan op doeltreffende wijze tusschen Regeering en Kamer besproken worden, als de drie hierbij in aanmerking komende ontwerpen bij de Kamer zullen zijn. Bij ontstentenis van concept-tekst zou elke gedachten-
—
wisseling hierover op dit oogenblik doelloos en voorbarig zijn.
Verplichting tegen het
wet,
die
als
wet
tot bij
intrekking van de Leerplichtwet zou
uit
het verzet,
haar vaststelling gevoerd, alleen dan volgen, indien
vaststaande regel gold, dat een nieuw opgetreden Kabinet elke
door
een
vorig
Kabinet
verdedigd,
waartegen
en
zijn politieke
medestanders op grond van beginselverschil oppositie hadden gevoerd^ aanstonds hier,
noch
ter in
intrekking het
had
buitenland
voor ooit
te
als
Daar deze regel noch van constitutioneel beleid
dragen. eisch
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's