Parlementaire redevoeringen - pagina 189
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ARBEIDSTOESTANDEN. ten
toch
slotte
de
in
Waarom
kon nemen.
vrede
geen
aan die uitdrukking
hij
De
Omdat
niet?
hij
de Troonrede gekozen uitdrukking eene bepaalde bedoeling
in
ging lezen, die met zijn meening niet overeen
van
187
kwam,
ten gevolge waar-
adhaesie niet kon schenken.
zijn
geachte afgevaardigde heeft er op gewezen, dat wel door mij eene ingesteld naar de werkloosheid in
den aanvang van dit jaar, zoodanige wijze op heeft plaats gehad, dat men er maar geen vast resultaat van kon verwachten. Het is in mij niet opgekomen^ mij in te beelden, dat het instellen van die enquête tot eenig afdoend resultaat in dien zin kon leiden, of dat men eene eenigszins juiste De geachte statistiek omtrent de werkloosheid erdoor zou verkrijgen. enquête
is
dat die enquête
afgevaardigde houde mij ten goede, dat ik even terugga en er op wijs,
op welk oogenblik die enquête door mij werd ingesteld. Het was in December, op een oogenblik, dat men vreesde, dat de naderende winter, indien het een harde winter mocht zijn, een stand van zaken in het zou roepen,
leven
de
enquête
Januari
ik
niet
zóó
had
eenig resultaat was
zonder
overvallen,
heb
verband met een
in
enquête, die ongeveer een jaar
eene ik
—
gevolgen na zich zou
ernstige
die
dat
dat
ingesteld,
buitenland
-,
in
de eerste dagen van
kunnen worden ingegrepen. het
dat
resultaat
van die enquête gerust-
waarin onderzoek
stellend was, dat uit verschillende kringen,
gebleken
het
had de harde vorst ons wellicht In zoover
bereikt,
had
kunnen verklaren,
crisis in
kunnen sleepen. Hij sprak van zou hebben geduurd, maar indien
is
ingesteld,
dat destijds de werkloosheid geen karakter droeg, hetwelk
is,
ernstiger behoefde te verontrusten
dan
voorafgaande jaren het geval
in
Dat het mijn bedoeling niet was, die enquête uitsluitend van overheidswege te doen houden, bleek hieruit, dat ik er in mijn schrijven op wees, dat men van de mededeelingen van werkliedenvereenigingen voor het opmaken der resultaten gebruik kon maken. geweest was.
Dat
dit
niet
overal
geschied
is
betreur
ik,
en wanneer ik nogmaals
zulk eene enquête overging, zou ik die pointe nog
tot
iets
sterker aan-
stippen.
Wanneer de geachte afgevaardigde
zegt,
is
was en
verschillende bedrijven slapte
vele
in
dat
de toestand van den
werk en brood voorkwam, tengevolge waarvan
geweest, dat er metterdaad niet voor ieder
arbeid zoo
werklieden op straat
Troonrede heeft
zijn
niet gestaan,
gezet,
en ook
ontken ik
heb
ik dit allerminst. niet
In de
gezegd, dat er steeds
werk en brood was. Wanneer de geachte afgevaardigde wil zeggen, dat hij dit beweren toch in de uitdrukking van de Troonrede las, moet ik
dit
aan
hem
overlaten.
Overigens constateer
ik,
dat,
zooals de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's