Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 181

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 181

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

jnilAXX HEINRICH AXSTED.

Hfst. III. § 70.

2.

non esse multiplicanda sine manifesta

7

S

Rectissime.

ipsa manifesta necessitas flagitat, ut distinguat ars, ubi

At vero

natura

rei

necessitate.

1

Quid

distinguit.

igitur

attinet,

corpus Theologicum

chaos efficere" (Ep. ad lect.). vel lancinare, vel ex eo miserabile procedit e De Theologia naturalis is hem die Theologie, „quae rationis humanae naturali intellectus lumine notis, pro principiis

modo"; supra

(at

alias

arcana,

„quae procedit ex principiis notis lumine

biedt,

kennisse

supranaturalis

Theologia

de

terwijl

humanae rationis modum"

non praeter, non contra)

een fidei,

(Prae-

natuurlijke Uit dien hoofde komt hij er tegen op, dat de worde philosophic Godskennisse als een onderdeel van de „Theologia naturalis, ze is z. i. zuiver theologisch.

cogn. p.

C).

beschouwd: nee Metaphysicae Scribonius (p.

volunt Scolastici) nee Physicae (ut volant.. Goclenius) est pars, sed Systematis Theologie!"

et

(ut

naturalis

Deze Theologia

47).

afzonderlijks

maar beide

ook

mag- dan

als iets

niet

Theologia supranaturalis gesteld worden, organisch verband te nemen, en wel in dat

naast de zijn

in

die hetwelk rechtstreeks voortvloeit uit de verhouding, natuur bestaat. tusschen het rijk der genade en het rijk der Natura gratiam „Gratia non destruit naturam, sed eam perficit zij opgemerkt, Hierbij emendat" 2). (p. gratia naturam

verband,

.

.

.

commendat, dat

hij

Adam als

ook voor deze volmaking van de natuur door de genade Hij zegt toch evenin den staat der rechtheid aanneemt.

Junius:

natura

„haec

quam ex

integra,

Theologiae naturalis

conditio

fuit

principiis

communibus,

in

Adamo

obscuris,

et

oportebat, et gratia perfici" imperfectis coli et augeri ratiocinationc

na den val de toestand erger geworden. Nu obscura et imperfecta, toch zijn deze principia in ons niet enkel deze Theologia maar bovendien corruptissima tengevolge waarvan

(p.

4).

Slechts

is

;

naturalis niet alleen

onbekwaam

de

genade aan

tot eenige volledige

kennis te

eveneens Junius naschreef, ook onmachtig

leiden, maar, gelijk hij

om

is,

te

nemen.

„Ac ne

perfectionis

quidem

est

Hij bepaalt den

per seipsam capax supervenientis a gratia" (p. 4)geloofsartikel inhoud van deze Theologia naturalis tot het eerste in haar ethnicos en wil de religio apud

en den Decaloog (p. kader behandeld zien

1

1),

(p.

1

1).

Haar doel voor de heidenwereld

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 181

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's