Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 243
Eerste deel. Inleidend deel.
Afd.
2.
SAMUEL MÜRSINNA.
Hfst. III. § 8l.
zijn
geheele ruimte in beslag neemt. Daarna
de
historici
Chronologie, Numismatiek enz.
VIII de Ars oratoria de Historia
door
hem in
om
vormt,
XI
tot
de Theologie worden gerekend. Zoo komt de Philosophia, die
tot
bij
vierde
van heel het breed opgezette werk
hij
overlaat.
ongerijmde der proportie, ook
dit
in
van de philosophie zegt, komt
zijn rationalistisch
hoezeer ook nog supranaturalistisch getint, duidelijk sophia,"
zegt
pracstantius
hij
op
hij,
voor de eigenlijke Theologie slechts één
gezegd,
alleen
hij
hem den overgang
de religio en de Theologie te komen, terwijl
boven
niet
IX
antiquitas sacra, geographia sacra enz.,
gelijk
Doch
volgt in Cap.
tusschen de Poësis en de Mathesis in staan, en
niet tot
Cap.
Dan
en dan zeer vreemd in Cap.
et Poësis;
ecclesiastica,
geïsoleerd
dan
hoofdstuk VII
in
aan het woord, met inbegrip van de Geographie,
Antiquiteiten,
die
komt
235
blz.
„cum ad
259,
rationis,
in
wat
standpunt,
uit.
„Philo-
qua nullutn est
perfectionem unice tendat, et verum a
Dei donum,
bonum a malo doceat dignoscere, inter eas scientias, quae hominum felicitatem augent, unum e primis occupat locum." Hem falso,
is
de philosophie diensvolgens ..non
ancilla,
sed potius soror Theo-
Theologum
logiae", in zooverre ze „adiuvat
in
probanda
veritate
religionis, in interpretanda Scriptura sacra eet." (p. 260). Hij
dan ook
vermeldt Voetius' bestrijding
en
Cartesius' philosophie
roemt
maar is /elf aanhanger van Leibnitz. in de uitwerking door Wolff aan diens philosophie ge„Nemo horum philosophorum facile geven. Van Leibnitz zegt hij comparandus est cum L. B. a Leibniz, qui et ingenio acutissimus et fere in omnibus scientiis versatissimus non soluni rectam philoso-
blijkbaar
met afkeuring
267)
(p.
;
:
phandi rationem docuit, sed etiam philosophiam locupletavit inventis"
voege
uit:
En over Wolff laat hij
270).
(p.
„Leibnitii inventa
.
.
.
habuimus, redegit L. B. a Wolff.
nomen titur,
sinna
accepit,
quae
et
nog
in .
.
Ab
est
zijne reserves.
et
probanda"
eum non
ipso philosophia Wolffiana
ob (p.
Zijn besef zegt
steeds klaarder licht zal doen schijnen,
eximiis
zich in dezer
systema, quale ante
ob methodum
novas summopere
multis
veritates,
272).
quas complec-
Toch maakt Mur-
hem, dat de philosophie
maar hij gevoelt daarom toch, nog slechts een stukske der
dat zelfs de Wolffiaansche philosophie
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's