Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 672

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 672

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

3 minuten leestijd

ZITTING 1903—1904.

670

Gaat men in de tweede plaats na, nu reeds overwerkt is dat het van 's morgens tot het in den namiddag bezig is en dan voor een groot gedeelte ook nadeelige gevolgen zou hebben.

personeel

;

gevoelen,

dan een enkelen keer mogelijk

dat laat

wij

nog des avonds bijeenkomt; dat voorts nog een groot deel wanneer het dan eenmaal daar gewerkt heeft aan huis ook nog moet doorgaan, wil het klaar komen, dan blijkt het, dat er van die ambtenaren zooveel werk gevorderd wordt, dat het boven hun krachten gaat. Men zou kunnen zeggen: neem er nog een huis in Amsterdam bij. Maar ik kan toch niet in een ander gedeelte van Amsterdam weer een groot deel van het personeel gaan zetten. Men heeft het nu met zeer veel moeite zóó weten gedaan te krijgen, dat er eenigszins een samenhang hier

dat

niet

tusschen

de

eerste huis

de

zeer

zijn,

deelen

verschillende

kunnen huren,

inspecteurs

is

men

en

dat daartoe geheel

heeft een huis achter het

is

ingericht.

Maar nu wijzen

er reeds op, dat zelfs in die localiteiten, zooals ze daar

ernstige

voorziening

berekenen

wijl het niet te

is

is,

tegen

brandgevaar noodig

zal

wezen,

wat er zou kunnen gebeuren, wanneer er eens

Evenzoo zou men kunnen zeggen: stel ernstige brand uitbrak. dan meer ambtenaren aan, maar men zal gevoelen, dat met het beperkte een

terrein een is

zoo aanzienlijke uitbreiding van personeel

klaar te krijgen.

oogenblik

het

mij

niet

zoo dadelijk

Dit wil ik echter gaarne zeggen, dat de toestand van

onhoudbaar voorkomt en

ik zeer ernstig

overweeg,

of eene eenigszins aanzienlijke vermeerdering van personeel noodig zal

ofschoon ik geloof, dat

dit

niet onmiddellijk ten

gevolge

zal

zijn,

hebben, dat

de beslissingen sneller bereiken degenen, die daarbij belang hebben. De heer Schaper heeft als zijn meening uitgesproken, dat, naar ik meen, dat hij zeide, de algemeene verzekeringsmaatschappij hier in Den Haag van oordeel was, dat degenen, die op dit oogenblik de verzekering dragen krachtens art. 52 en volgende, toch op den duur dit niet kunnen volhouden en de werkgevers

komen. Kabinet,

Hij bij

kwam daarom

bij

de Rijksverzekeringsbank zullen terecht

met de

volgende verzekeringen

aanmaning aan het adres van het te

trachten, niet te decentraliseeren.

moet tot mijn leedwezen zeggen, dat ik aan die aanmaning geen gevolg kan geven en mij voorbehoud, bij een volgend ontwerp aan de Kamer voor te leggen het stelsel, dat ik meen het meest bevordelijk te zijn aan de goede volksontwikkeling. Of de artsen misbruik maken, hetzij door te veel rijtuigen in rekening te brengen, hetzij door te veel bezoeken Ik

te

brengen, kan ik thans niet beoordeelen.

De

geachte afgevaardigde heeft

algemeen gesproken. Ik wil wel zeggen, dat dat er ook onder de artsen wel menschen zullen in

het

van de stelling, op wie wel eens

ik uitga zijn,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 672

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's