Parlementaire redevoeringen - pagina 672
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING 1903—1904.
670
Gaat men in de tweede plaats na, nu reeds overwerkt is dat het van 's morgens tot het in den namiddag bezig is en dan voor een groot gedeelte ook nadeelige gevolgen zou hebben.
personeel
;
—
gevoelen,
dan een enkelen keer mogelijk
—
dat laat
wij
nog des avonds bijeenkomt; dat voorts nog een groot deel wanneer het dan eenmaal daar gewerkt heeft aan huis ook nog moet doorgaan, wil het klaar komen, dan blijkt het, dat er van die ambtenaren zooveel werk gevorderd wordt, dat het boven hun krachten gaat. Men zou kunnen zeggen: neem er nog een huis in Amsterdam bij. Maar ik kan toch niet in een ander gedeelte van Amsterdam weer een groot deel van het personeel gaan zetten. Men heeft het nu met zeer veel moeite zóó weten gedaan te krijgen, dat er eenigszins een samenhang hier
dat
niet
tusschen
de
eerste huis
de
zeer
zijn,
deelen
verschillende
kunnen huren,
inspecteurs
is
men
en
dat daartoe geheel
heeft een huis achter het
is
ingericht.
Maar nu wijzen
er reeds op, dat zelfs in die localiteiten, zooals ze daar
ernstige
voorziening
berekenen
wijl het niet te
—
—
—
is
is,
tegen
brandgevaar noodig
zal
wezen,
wat er zou kunnen gebeuren, wanneer er eens
Evenzoo zou men kunnen zeggen: stel ernstige brand uitbrak. dan meer ambtenaren aan, maar men zal gevoelen, dat met het beperkte een
terrein een is
zoo aanzienlijke uitbreiding van personeel
klaar te krijgen.
oogenblik
het
mij
niet
zoo dadelijk
Dit wil ik echter gaarne zeggen, dat de toestand van
onhoudbaar voorkomt en
ik zeer ernstig
overweeg,
of eene eenigszins aanzienlijke vermeerdering van personeel noodig zal
ofschoon ik geloof, dat
dit
niet onmiddellijk ten
gevolge
zal
zijn,
hebben, dat
de beslissingen sneller bereiken degenen, die daarbij belang hebben. De heer Schaper heeft als zijn meening uitgesproken, dat, naar ik meen, dat hij zeide, de algemeene verzekeringsmaatschappij hier in Den Haag van oordeel was, dat degenen, die op dit oogenblik de verzekering dragen krachtens art. 52 en volgende, toch op den duur dit niet kunnen volhouden en de werkgevers
komen. Kabinet,
Hij bij
kwam daarom
bij
de Rijksverzekeringsbank zullen terecht
met de
volgende verzekeringen
aanmaning aan het adres van het te
trachten, niet te decentraliseeren.
moet tot mijn leedwezen zeggen, dat ik aan die aanmaning geen gevolg kan geven en mij voorbehoud, bij een volgend ontwerp aan de Kamer voor te leggen het stelsel, dat ik meen het meest bevordelijk te zijn aan de goede volksontwikkeling. Of de artsen misbruik maken, hetzij door te veel rijtuigen in rekening te brengen, hetzij door te veel bezoeken Ik
te
brengen, kan ik thans niet beoordeelen.
De
geachte afgevaardigde heeft
algemeen gesproken. Ik wil wel zeggen, dat dat er ook onder de artsen wel menschen zullen in
het
van de stelling, op wie wel eens
ik uitga zijn,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's