Parlementaire redevoeringen - pagina 155
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
HAVENGELD TE KUINRE. wetsontwerp
een
van
uitvoering
tot
2de
136,
art.
153 der Grondwet,
lid,
en de gegevens nog zoo onzeker zijn, men niet tusschentijds nog eene poging daarnaast doet om in den bestaanden toestand voor een kort oogenblik verandering
En nu
ten
te
brengen.
een woord over
slotte
vroeg de geachte afgevaardige genomen had van vijf
termijn
Meppel
nog
zelfs
verder
maar
eindelijk toegegeven,
maar
dankbaar,
den regel zich
zelf
hierbij
terwijl
dat hadt
gij
was
ik
dien opzichte
een zoo langen
de geachte afgevaardigde
zeide:
gij
ik
uit
wel dien termijn
hebt
wel dadelijk kunnen doen;
voldaan, want de
hij
was
gift
kwam hem
dus
in gulheid te kort geschoten.
te
laat
en naar
de Voorzitter, op welk standpunt evenmin als mijn geachte ambtsvoordat, wanneer men bekrachtigt zonder
Mijnheer
weten.
ga
Ik
stelt.
waarom
Steenwijk,
en
ging
bis dat qui cito dat,
:
Men moet men
niet
uit
jaar,
Te
den termijn.
meening uit, zou ontbreken om nochtans wijziging in deze hefImmers, men kan altijd bij eene latere wet eene fingen te krijgen. bekrachtiging, die voor onbepaalden tijd is geschied, beperken tot een ganger
van
de
termijn,
het
middel
bepaalden termijn.
van
stellen
van de
zoo
niet
sectiƫn
drongen, neigd
groot
met
zich zelf zag ik dus de noodzakelijkheid tot het niet in.
gewicht
nadruk
Ik heb daarbij een termijn
kortere
of langere termijn
Steenwijk zegt:
2
jaar.
Ik
bij
een ontwerp
het
zelf het al of niet stellen
hij
Maar wanneer men
bemerkt, dat van verschillende zijden in de opneming van een termijn is aange-
op dan zoo onnatuurlijk, dat wie tot gemeen overleg gegaarne aan zulk een verlangen tegemoet komt, vooral indien
is
is,
Op
den 'termijn
gij
van een termijn
feitelijk
onverschillig acht ?
genomen van 5 jaren, maar het had ook een kunnen zijn. De geachte afgevaardigde uit
hadt een korteren termijn moeten nemen,
koos echter den langeren termijn,
om
deze reden.
bijv.
De
van
hoofd-
ingenieur van den provincialen waterstaat in Overijsel heeft medegedeeld,
door verreweg de meeste schippers, die Kuinre aandoen, tot dusverre nog is nagelaten, zoodat de gegevens, waaruit een behoorlijk overzicht zou zijn op te maken, op dit oogenblik nog ontbreken en dat dat de meting
evenmin vooralsnog te zeggen is, wanneer het tijdstip daar zal zijn, men eene volkomen zekere opgaaf zal kunnen doen van de binnengekomen schepen met hun laadvermogen naar den meetbrief, zoodat men zich dan niet weer zal behoeven te behelpen met gedeeltelijke opgaven,
het dat
als
door mijn Departement en ook door den geachten afgevaardigde
Meppel
zijn
Bestond er geen middel voor de schippers te
uit
verstrekt.
om
aan de nieuwe meting
ontkomen, dan zou het misschien sneller gaan, maar
bij
art.
4,
2de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's